Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Bekwaamheid van de budgethouder

Onderdeel van Beleidsregels persoonsgebonden budget Haarlemmermeer 2021

1.. Van een budgethouder wordt verwacht dat deze zelfstandig een redelijke waardering kan maken van zijn belangen ten aanzien van de aanvraag. Een budgethouder moet duidelijk kunnen maken welke problemen deze heeft, hoe deze zijn ontstaan en bij welke ondersteuning deze gebaat is. Van een budgethouder wordt verwacht dat hij zelf begrijpt welke rechten en plichten verbonden zijn aan het op verantwoorde wijze volgen van een pgb. Bijvoorbeeld bij het kiezen van de juiste zorgverlener, het aangaan van een contract, het in praktijk aansturen van de zorgverlener en het bijhouden van een correcte administratie. 2.. Om na te gaan of de beoogde budgethouder op verantwoorde wijze met het pgb om kan gaan wordt de bekwaamheid van de budgethouder beoordeeld. De beoordelingscriteria zijn: a.. is de beoogde budgethouder in staat de eigen situatie (bij ouder: de situatie van hun kind) te overzien, zelf de zorg te kiezen, te regelen en aan te sturen; b.. is de beoogde budgethouder goed op de hoogte van de rechten en plichten die horen bij het beheer van een pgb; c.. is de beoogde budgethouder in staat de opdrachtgeverstaak op zich te nemen, zoals het zoeken van een zorgaanbieder, het voeren van sollicitatiegesprekken, zorgcontracten (laten) opstellen, accorderen van facturen en het bewaken van de kwaliteit en voortgang van de zorg. 3.. Wanneer de cliënt zelf niet over de benodigde vaardigheden beschikt maar wel een (wettelijk) vertegenwoordiger heeft, kan toch een pgb verstrekt worden. Deze (wettelijk) vertegenwoordiger moet zelf wel over de benodigde vaardigheden beschikken om in aanmerking te komen voor beheer van een pgb. Om dit te toetsen worden dezelfde criteria gebruikt, die ook gebruikt worden om de vaardigheden van de beoogde budgethouder te toetsen. 4.. Een budgethouder kan beslissen het pgb te laten beheren door een derde. De eventuele kosten hiervan worden niet uit het pgb vergoed. Het is niet toegestaan het pgb te laten beheren door een derde die tevens de zorg of de voorzieningen levert. 5.. In afwijking van het gestelde in lid 4 geldt voor jeugd tot 18 jaar dat een (pleeg)ouder zelf de zorgverlener mag zijn voor zijn of haar (pleeg)kind en ook gemachtigd als budgethouder. Een uitzondering hierop is respijtzorg, deze kan niet geleverd worden door de ouders, omdat zij juist degenen zijn die respijt nodig hebben. 6.. In afwijking van het gestelde in lid 4 geldt voor volwassenen dat een partner zelf de zorgverlener mag zijn en ook gemachtigd als pgb-houder. Een uitzondering hierop is respijtzorg, deze kan niet geleverd worden door de partner, omdat die juist degene is die respijt nodig heeft.

Rechtspraak bij dit artikel