Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Redelijkerwijs vermoeden

Onderdeel van Beleidsregel Melden signalen mensenhandel gemeente Utrecht

De APV maakt door de zinsnede "indien bij hen redelijkerwijs een vermoeden dient te ontstaan" duidelijk dat een exploitant / beheerder zich niet kan verschuilen achter het feit of de opmerking dat hij/zij geen kennis had van de signalen of de signalen niet heeft gezien of herkend. De beheerder/exploitant heeft een grote verantwoordelijkheid bij de bestrijding van mensenhandel. Op het moment van vergunningverlening dient de beheerder in staat te zijn om signalen van mensen-handel te herkennen. Als dat niet het geval is, is deze beheerder niet geschikt voor het vak van beheerder. Uiteraard zou dit na enige scholing wel het geval kunnen zijn. Veel signalen van mensenhandel zoals blauwe plekken en bijvoorbeeld verslavingsproblematiek zijn signalen die zelfs door ongeschoolden kunnen worden opgepikt, zodat ook van iedereen die op de vergunning is vermeld verwacht wordt dat signalen worden herkend. Het redelijkerwijs ontstaan van een vermoeden kan dus niet door een exploitant/ beheerder worden ontkend door te stellen dat één of meerdere signalen niet gezien zijn. Dit is geen excuus. De vraag is wanneer redelijkerwijs een vermoeden dient te ontstaan. Als eerste moet worden opgemerkt dat dit altijd afhankelijk is van de omstandigheden van het geval. Afhankelijk van het signaal / de signalenen hoe meer signalen er zijn, hoe eerder en sneller bij de exploitant / beheerder redelijkerwijs het vermoeden dient te ontstaan dat er sprake zou kunnen zijn van mensenhandel. Het kan in het ene geval een optelsom betreffen van verschillende signalen en in een ander geval kan één sterk signaal al voldoende zijn om te melden. Daar komt bij dat de exploitant / beheerder een professional op dit gebied zou moeten zijn. Het redelijkerwijs ontstaan van een vermoeden begint dus eerder dan wanneer de gemiddelde persoon dit zou moeten krijgen. Wij verwachten dat personen die continu aanwezig zijn in de seksinrichting, ervaring hebben in het werkveld en/of (eventueel) geschoold zijn op het gebied van herkennen van signalen van mensenhandel professioneel genoeg zijn om de signalen te herkennen en adequaat daarop te reageren. Beheerders en exploitanten dienen te zorgen voor een veilige werkplek en hierop continu te controleren. Beheerders/ exploitanten hebben dagelijks contact met/ zicht op de sekswerkers en kunnen en moeten een eventueel signaal van mensenhandel dus eerder oppikken dan van een gemiddelde burger mag worden verwacht. De vraag wanneer redelijkerwijs een vermoeden dient te ontstaan is niet op voorhand te beantwoorden.Vaak zal achteraf de vraag moeten worden gesteld of bij de exploitant/beheerder niet eerder het ver-moeden had moeten ontstaan. Een exploitant/beheerder dient alert te zijn en alle signalen te melden.Wij merken hierbij op dat het niet aan de exploitant/beheerder is om signalen te toetsen op hardheid/waar-heid. In de toelichting op de APV is niet voor niets opgenomen dat de signalen ook 'onderbuikgevoelens'kunnen zijn.

Rechtspraak bij dit artikel