Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2

Bijzondere uitgangspunten bij illegale prostitutie

Onderdeel van Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen houdende regels omtrent prostitutie

Illegale prostitutie onttrekt zich aan elke vorm van toezicht en is daardoor kwetsbaar voor misstanden, zoals mensenhandel en uitbuiting. Er wordt dan ook bestuursrechtelijk opgetreden tegen illegale prostitutie door zowel maatregelen te treffen ten aanzien van de overtreder als de faciliteerder. Als op bedrijfsmatige wijze prostitutie wordt aangeboden zonder benodigde vergunning dan is sprake van illegale prostitutie. Tegen straat- en raamprostitutie wordt zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk tegen de overtreder opgetreden en wordt het betreffende pand gesloten. Wanneer bedrijfsmatige prostitutie plaatsvindt in een pand zonder dat er een vergunning is verleend, kan de handhaving zich richten op het pand en/of op de personen die als overtreders of faciliteerder worden aangemerkt. Toelichting bij sluiting Wanneer een eigenaar van het pand waar de illegale seksinrichting in wordt geëxploiteerd zelf betrokkenheid heeft bij de exploitatie, worden er drie maanden opgeteld bij de sluitingsduur. De eigenaar behoudt namelijk de volledige beschikking op het pand, wat de kans op recidive vergroot. Aanwijzingen van georganiseerde criminaliteit zoals het aantreffen van munitie, een (vuur)wapen, professionele aansturing van prostituees of andere illegale activiteiten zoals drugshandel of illegale goktoernooien, zijn ook verzwarende omstandigheden. Dan worden zes maanden opgeteld bij de sluitingsduur zoals hierboven vermeld. Wat betreft de duur van de maatregelen bij illegale prostitutie is aansluiting gezocht bij beleid voor een andere vorm van ondermijnende criminaliteit, namelijk drugshandel. Alhoewel de te beschermen belangen in concreto andere zijn, is ook bij deze panden van belang de bekendheid als seksinrichting ervan weg te nemen, de rust in de omgeving te laten wederkeren en de kans op recidive zo klein mogelijk te maken. Daarnaast speelt de signaalwerking die uitgaat van het opleggen van een sluitingsmaatregel ook een grote rol. Spoedsluiting In de gevallen waarbij prostituees worden aangetroffen die eerder vanwege illegale prostitutie met de AVIM of het Regionaal controleteam Prostitutie en Mensenhandel (hierna: Controleteam) in aanraking zijn geweest, wordt een spoedsluiting toegepast, vanwege de bewezen grote kans op recidive. Ook kan een spoedsluiting toegepast worden wanneer de aangetroffen prostituee onder dubieuze en/of ongewenste omstandigheden werkzaam is. Een (spoed)sluiting houdt in dat het betreffende pand binnen een half uur nadat het onderzoek door de AVIM en/of het Controleteam is afgerond, wordt gesloten middels het aanbrengen van een afschrift van het bevel op of nabij de toegang of toegangen van de seksinrichting, vervanging van de sloten en verzegeling van het pand. Deze toepassing wordt nadien op schrift gesteld. Sluiten van een pand met een woonbestemming Wanneer een pand met een woonbestemming als prostitutiebedrijf wordt gebruikt, wordt het pand feitelijk niet meer als woning gebruikt en fungeert het pand als een seksinrichting. Als blijkt dat er sprake is van een illegale situatie vanuit een pand met een woonbestemming, wordt de illegale situatie beëindigd door een sluiting. Naast het belang voor de sekswerkers zelf, is het niet wenselijk dat in woonwijken illegale seksinrichtingen worden geëxploiteerd. Dit geeft omwonenden een onprettig en onveilig gevoel, kan leiden tot geluidsoverlast en wantoestanden op straat. Het doel van een sluiting is het herstel van de openbare orde, de veiligheid, de woon- en leefsituatie en de zedelijkheid. Ook wordt de loop naar een pand voor illegale activiteiten (en het faciliteren daarvan) eruit gehaald. De naamsbekendheid van een pand met een woonbestemming voor dergelijke activiteiten moet worden doorbroken. Daarnaast speelt de signaalwerking die uitgaat van het opleggen van een sluitingsmaatregel ook een grote rol. In principe gaat de burgemeester over tot sluiting van het pand voor de duur van drie tot zes maanden, tenzij er verzwarende omstandigheden zijn of als er sprake is van recidive. Verzoek en eisen opheffen sluiting Door een belanghebbende kan aan de burgemeester tussentijds schriftelijk worden verzocht de sluiting op te heffen. Als hoofdvereiste geldt dat in de regel alleen tot opheffing van een sluiting kan worden besloten als sprake is van een verzoek van een belanghebbende waarin gemotiveerd wordt aangegeven dat het op basis van nieuwe feiten en omstandigheden en maatregelen aannemelijk is dat er niet opnieuw een illegale seksinrichting wordt geëxploiteerd in of vanuit het desbetreffende pand. Bij de beoordeling van het verzoek, kan de burgemeester een advies van het AVIM vereisen over het al dan niet opheffen van de sluiting. Aan het opheffen van een sluiting wordt in de regel geen medewerking verleend eerder dan de in de onderstaande tabel genoemde periode: Sluitingsduur Verzoek opheffing in behandeling na 3 maanden 6 weken 6 maanden 3 maanden 1 jaar 6 maanden onbepaalde duur 6 maanden

Rechtspraak bij dit artikel