Naar hoofdinhoud
Onze gezamenlijke doelen: het versterken van de sociale infrastructuur; het versterken van de lokale identiteit; het bevorderen van kunst- en cultuurparticipatie en aanbod; bouwen aan de toekomst met jeugdwerk en jeugdafdelingen. Voorwaarden om voor subsidie in aanmerking te komen: het evenement wordt ten minste éénmaal in de twee jaar georganiseerd; de organisatie spant zich in om het evenement nationaal en internationaal op de kaart te zetten. De manier waarop de subsidie wordt berekend: een vast bedrag van € 5.000 per evenement. Het voor aanvragen beschikbare subsidiebedrag: het betreft een stimuleringssubsidie. Hiervoor geldt geen subsidieplafond. BIJZONDERE BEPALINGEN Instellingen die in aanmerking komen voor subsidie op basis van de Algemene subsidieverordening gemeente Horst aan de Maas en de toetsingskaders worden geacht op de hoogte te zijn van deze regelingen. Aanvullend op wat specifiek bepaald is voor vrijwilligersorganisaties zijn nog de volgende bepalingen van toepassing: Verenigingen uit Horst aan de Maas: subsidieaanvragen van verenigingen met minder dan 75 % leden uit de gemeente Horst aan de Maas. Indien minder dan 75% van de leden woonachtig is binnen de gemeente, kan de vereniging enkel in aanmerking komen voor subsidie van de leden woonachtig in onze gemeente. Minimaal 25 % van de leden moet aan deze voorwaarde voldoen en de vereniging moet gevestigd zijn in de gemeente. De vereniging komt ook in aanmerking voor het vaste bedrag naast de subsidie per lid. Verenigingen, niet afkomstig uit Horst aan de Maas: verenigingen die elders zijn gevestigd maar waarbij meer dan 25% van de gesubsidieerde leden afkomstig is uit de gemeente Horst aan de Maas, kunnen in aanmerking komen voor het subsidiebedrag per lid als de leden niet door de gemeente van vestiging gesubsidieerd worden. Als de gewaardeerde activiteit niet aanwezig is binnen de gemeente kan dit percentage lager vastgesteld worden. De betreffende vereniging komt niet in aanmerking voor het vaste bedrag. Landelijke en regionale instellingen komen in beginsel niet in aanmerking voor een subsidie tenzij anders bepaald in dit toetsingskader. Deze instellingen kunnen subsidie krijgen wanneer zij zich aantoonbaar lokaal inzetten. De betreffende instellingen worden genoemd in dit toetsingskader. Ledenstijging en -daling Een relatief kleine ledenstijging van het subsidiabele ledenaantal of een daling in de periode waarvoor subsidie toegekend is, leidt niet tot aanpassing van het subsidie. Echter bij een ledenstijging/daling groter dan 15% volgt aanpassing van de subsidie. Voor 1 oktober van enig jaar dient de vereniging hiervan melding te maken. De wijziging gaat in het jaar volgend hierop. Vertrouwen is goed maar enige controle blijft nodig. Hier wordt invulling aan gegeven door jaarlijks 5% van de verstrekte subsidies te controleren. Het betreft alle vormen van subsidies. Het kan bijvoorbeeld gaan om controle van ledenaantallen en/of andere voorwaarden om voor subsidie in aanmerking te komen. Organisaties die gecontroleerd worden ontvangen tijdig bericht. Overgangsfase Om de verschuivingen als gevolg van de nieuwe toetsingskaders geleidelijk in te voeren geldt voor het toekennen van stimuleringssubsidies een overgangsfase. Hiervan is sprake als de verschuiving (stijging/daling) meer dan € 500 bedraagt. Is dit het geval dan ontvangt de instelling in 2017 hetzelfde bedrag als in 2016. In 2018 is dit 50% meer of minder. In 2019 krijgt de instelling subsidie op basis van het nieuwe toetsingskader. Indexering Gedurende de looptijd van dit toetsingskader vindt indexering van de stimuleringssubsidies niet plaats. Wanneer twee of meer verenigingen aan wie een stimuleringssubsidie wordt verstrekt fuseren gelden de volgende bepalingen: het vaste bedrag voor de nieuwe vereniging is de optelsom van de vaste bedragen van de voormalige verenigingen. dit is van toepassing in het kalenderjaar van de fusie en de twee volgende kalenderjaren, onder voorbehoud van de looptijd van het subsidiekader. voorwaarde is dat de nieuwe vereniging zich tenminste richt op dezelfde activiteiten en doelgroepen, alsmede een verzorgingsgebied heeft dat tenminste gelijk is aan dat van de voormalige afzonderlijke verenigingen.

Rechtspraak bij dit artikel