Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2

Verwachte capaciteit voor 2022

Onderdeel van Inschrijvingsleidraad subsidietender ‘Specialistische Jeugdhulp in de buurt’

De gemeente wil een samenwerking aangaan op basis van gelijkwaardigheid. Daarbij past een gezamenlijke verantwoordelijkheid over de financiën. We willen dat we samen zorgvuldig omgaan met de schaarse middelen die er zijn. Bij de hulp en ondersteuning die we met deze subsidietender inkopen, streven we naar zoveel mogelijk waarde binnen de beschikbare middelen. Dat uit zich in eerste instantie in de beschikbaarheid van voldoende capaciteit en de juiste expertise. Maar het gaat verder dan dat. We willen dat professionals kunnen handelen vanuit hun innerlijke motivatie. Daarvoor zijn drie randvoorwaarden voor professionals noodzakelijk: • Autonomie over hoe zij hun werk kunnen doen • Vakmanschap door de juiste combinatie van vaardigheden, ervaring, tijd en ondersteuning • Zingeving door te weten dat zij het goede doen voor inwoners, voor de organisatie, voor zichzelf en voor de maatschappij Als gemeente kunnen wij dit deels faciliteren, maar het vraagt ook een nadrukkelijke rol van zorgaanbieders om dit tot een succes te maken. De eerste stap die wij hierin zetten is het beschikbaar stellen van een totaalbudget per aanbieder, zodat daarmee de capaciteit in kwantitatieve zin (dus in uren/fte’s) georganiseerd kan worden. In de selectieleidraad hebben wij inzicht gegeven in de historische kosten en het aantal cliënten van de diensten zoals we die nu met deze subsidietender inkopen. Die historie is gebaseerd op de oude situatie en bijbehorende bekostiging. We gaan nu over naar een nieuwe situatie, waarbij de lumpsumbekostiging helpt om de zorg in lijn te brengen met de intrinsieke, professionele motivatie van aanbieders en professionals. Het biedt bovendien een kans voor meer doelmatigheid met minder administratieve lasten en een krachtige focus op de inhoudelijke uitkomsten. Hiermee heeft de gemeente rekening gehouden met de verwachte capaciteit voor 2022. Die is als volgt: Subsegment verwacht verwachte benodigde capaciteit verwacht aantal cliënten trajecten uren dagdelen etmalen budget 1. Jeugd-GGZ 325 12.500 1.300.000 2. Jeugd- en opvoedhulp 200 7.500 3.000 100 800.000 3. (Licht)verstandelijke beperking 90 4.500 4.000 125 720.000 4. Ambulante Spoed Hulp 5 5 20.000 5. Zorgboerderijen 40 600 2.000 250 160.000 totaal 540 5 25.100 9.000 475 3.000.000 Dit is inclusief de capaciteit voor overgangscliënten, hoeveel dit in werkelijkheid is hangt af van de vraag hoeveel cliënten na de subsidietenderprocedure nog in traject zitten bij niet-gecontracteerde aanbieders en in hoeverre deze op korte termijn zijn over te dragen naar gecontracteerde aanbieders. Daar komen we tijdens de dialoogsessies nader op terug. Daarbij merken we nu vast op dat we beogen dat het totale jaarlijkse subsidiebudget voor de diensten in deze subsidietender in de toekomst gaat dalen, als de transformatie verder gestalte krijgt. Op welke wijze, in welk tempo en in welke omvang is op dit moment nog niet te zeggen. In de bouwteam fase zal ook dit nader aan bod komen.

Rechtspraak bij dit artikel