Naar hoofdinhoud
1.. De aanvraag van huurder of erfpachter met de door huurder of erfpachter aangeleverde stukken en informatie en de berichten van de gemeente aan huurder of erfpachter over de korting vormen samen een overeenkomst tussen huurder of erfpachter en gemeente. 2.. Indien huurder of erfpachter één of meer verplichtingen uit de overeenkomst als bedoeld in het eerste lid schendt, of indien blijkt dat huurder of erfpachter op welke manier ook misbruik maakt van deze regeling, kwalificeert dit als een ernstige tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst die de ontbinding rechtvaardigt en heeft de gemeente het recht om de overeenkomst te (doen) ontbinden. Huurder of erfpachter is in dat geval verplicht de eventueel reeds ontvangen korting volledig terug te betalen aan de gemeente. 3.. De gemeente behoudt zich het recht voor om bij een vermoeden van misbruik van deze regeling door huurder of erfpachter de tijdelijke korting niet te verlenen. 4.. De gemeente is te allen tijde gerechtigd aanvrager om nader bewijs te vragen ten aanzien van de ingediende gegevens bij de aanvraag. Het niet kunnen of willen overleggen van bewijs van omzetverlies is een afwijzingsgrond. 5.. De gemeente kan in door haar te beoordelen uitzonderlijke gevallen besluiten om af te wijken van de bepalingen van deze regeling. 6.. De gemeente beslist afwijzend op een aanvraag indien een huurder of erfpachter eerder een korting is verstrekt op grond van deze regeling (SCHERF).

Rechtspraak bij dit artikel