Naar hoofdinhoud
1.. De raad, dan wel een lid van de raad kan aan leden van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of een ander gemeenschappelijk orgaan in de zin van de wet Gemeenschappelijke Regelingen, verzoeken inlichtingen te verschaffen en verantwoording af te leggen over zaken die in het algemeen bestuur aan de orde zijn; bij voorkeur middels een verslag gebaseerd op een desbetreffende bestuursrapportage. De voorzitter kan de door de raad gewenste bespreking van dit verslag verwijzen naar de voorronde. 2.. Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste lid, technische of schriftelijke vragen stellen; de artikelen 43 en 44 van dit reglement zijn van overeenkomstige toepassing. 3.. Wanneer de raad, dan wel een lid van de raad een bestuurslid, als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld in artikel 45 van dit reglement, zijn van overeenkomstige toepassing. 4.. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden heeft benoemd.

Rechtspraak bij dit artikel