Na de fietsvergoeding is de vergoeding voor het (al dan niet onder begeleiding) reizen met openbaar vervoer de eerstvolgende mogelijkheid. In de praktijk blijkt dat heel veel leerlingen medisch in staat zijn om hier, eventueel met hulp van een begeleider, gebruik van te maken.
Daar waar scholen goed met het openbaar vervoer bereikbaar zijn en de leerlingen in staat zijn hier zelfstandig, eventueel na een kort durende begeleiding van hooguit enkele maanden, naar toe te reizen, wordt het gebruik van het openbaar vervoer in het leerlingenvervoer gestimuleerd en vergoed. Vooral leerlingen in het VSO dienen te worden voorbereid op zelfstandig reizen met het openbaar vervoer. Wanneer er begeleiding nodig is, dienen ouders hiervoor zorg te dragen. De gemeenten bekostigen de kosten ten behoeve van een begeleider, indien wordt aangetoond dat de leerling niet in staat is zelfstandig met het openbaar vervoer te reizen. Als er recht bestaat op leerlingenvervoer, de leerling jonger is dan elf jaar en de ouders kunnen aantonen dat hun kind niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik te maken, komen de ouders in aanmerking voor de bekostiging van de vervoerskosten voor een begeleider. Hierbij kan men denken aan de volgende situaties:
de leerling moet een of meerdere malen overstappen;
de route van het uitstappunt van de bus naar de school kent gevaarlijke kruisingen.
Wanneer de leerling op 1 augustus van het schooljaar 10 jaar is, geldt voor het hele schooljaar dat de leerling als 10 jaar wordt aangemerkt, ook al wordt de leerling in de loop van het schooljaar 11 jaar.
De kosten van het openbaar vervoer worden berekend met behulp van www.9292.nl en de informatie die verstrekt wordt op de websites van het openbaar vervoer bedrijf.
Indien de goedkoopst adequate manier van vervoer bestaat uit een combinatie van verschillende vormen van vervoer (bus en trein, fiets en trein etc.), staat het het college vrij om de wijze van bekostiging te kiezen.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.3