Naar hoofdinhoud
1.. Aan de voorwaarde van het hebben van een langdurig laag inkomen zoals bedoeld in artikel 36, lid 1 van de wet is voldaan indien gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is geweest dan 130% van de toepasselijke bijstandsnorm. 2.. Aan de voorwaarde van het ontbreken van zicht op inkomensverbetering wordt voldaan als niet gesproken kan worden van een situatie zoals in artikel 1, lid 2, sub i. van deze verordening is omschreven. 3.. Aan het verrichten van vrijwilligerswerk wordt voldaan als de belanghebbende naar vermogen en met gebruikmaking van krachten en bekwaamheden een (bestuurs)functie (niet in loondienst of als alternatieve taakstraf) vervult bij een organisatie die niet is onderworpen aan de Vennootschapsbelasting of daarvan is vrijgesteld, zoals een vereniging, een stichting, een belangenorganisatie of een organisatie met de ANBI-status. 4.. Aan het verrichten van mantelzorg is sprake als hieraan per week tenminste 8 uren worden besteed.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel