Een raadslid gaat op prudente wijze om met gemeentelijke faciliteiten en financi-ele middelen die hem ter beschikking staan en gebruikt deze alleen waarvoor ze bedoeld zijn.
Toelichting:
Raadsleden krijgen voor hun raadswerk de beschikking over een aantal faciliteiten. Deze faciliteiten worden alleen gebruikt voor het doel waarvoor ze zijn verstrekt.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3