Het is uitsluitend toegestaan om in elektriciteit te voorzien door middel van daarvoor bestemde gemeentelijke voorzieningen of zelf opgewekte groene stroom.
Het is uitsluitend toegestaan om gemeentelijke voorzieningen te betrekken met schriftelijke toestemming.
De vergoeding voor het gebruik van elektriciteit worden op basis van de werkelijke kosten doorberekend aan de gebruiker.
De verantwoordelijkheid voor de elektriciteit en de bijbehorende technische middelen (zoals kabels) ligt bij de gebruiker vanaf de stekker die in de contactdoos wordt geplaats. De gemeente is als beheerder verantwoordelijk tot en met het leveringspunt (contactdoos in de kast) en zorgt voor veilige stroompunten.
Bij het zakelijk gebruik van elektriciteit is de Arbeidsomstandighedenwet van kracht.
Het gebruik van stroom moet veilig gebeuren. De standplaatshouder moet daarbij tenminste het volgende in acht nemen:
Kabels mogen niet zonder kabelgoot over de voetpaden voor publiek worden gelegd;
Haspels moeten volledig worden uitgerold;
Haspels moeten zo worden opgesteld en van zodanig materiaal en van zodanige kwaliteit zijn, dat deze niet in aanraking kunnen komen met (regen)water;
Meerdere haspels en kabels mogen niet met elkaar worden verbonden;
Kabels moeten regelmatig worden gecontroleerd op beschadiging en scheurvorming;
Kabels mogen niet met elkaar worden verbonden met een kroonsteen.
Defecten dienen zo spoedig mogelijk worden hersteld doch minimaal voor de eerstvolgende ingebruikname van de materialen.