Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7.

Vereisten vergunning

Onderdeel van Marktverordening gemeente ’s-Hertogenbosch 2021

Voor toewijzing van een vergunning voor het innemen van een vaste standplaats op een markt komt uitsluitend in aanmerking: een persoon; die aantoont dat deze als natuurlijk persoon of als bestuurder van een rechtspersoon staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK); en tenminste de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, handelingsbekwaam is en gerechtigd is om in Nederland arbeid te verrichten. De gevraagde vergunning wordt geweigerd indien: Een van de volgende personen zich in de periode van een jaar voorafgaand aan de indiening van een vergunningaanvraag aantoonbaar schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog op een markt: de aanvrager; degene die op grond van feiten en omstandigheden redelijkerwijs met de aanvrager gelijk kan worden gesteld; de (voormalige) waarnemer van de aanvrager; De aanvrager geen verklaring omtrent het gedrag (VOG) van maximaal zes maanden oud kan overleggen; Indien bij de aanvraag onjuiste gegevens zijn verstrekt; Redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke omstandigheden niet met de in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn. Het innemen van de standplaats niet past binnen de regels en/of tekening die krachtens artikel 3 en/of 4 van de verordening worden vastgesteld dan wel technisch niet inpasbaar is; De aanvrager niet in aanmerking komt voor een vergunning gelet op artikel 8 van de verordening; of De aanvrager reeds een vergunning heeft voor het innemen van een standplaats op de betreffende markt. De vergunning kan worden geweigerd indien een vergunning van dezelfde persoon in de periode van een jaar voorafgaand aan de indiening van de aanvraag is ingetrokken op grond van het bepaalde in artikel 14 van de verordening. Het college beslist op een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van deze verordening of een wijziging daarvan, binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel