Na het berekenen van de parkeerbehoefte leggen we deze naast het geplande parkeeraanbod. Wanneer het geplande parkeeraanbod groter is dan de parkeerbehoefte, voldoet het initiatief aan de parkeernormen. Wanneer dit niet het geval is, bekijken we of de ontwikkeling kan worden aangepast. Daarna wordt bezien of er afwijkingsmogelijkheden op de ontwikkeling van toepassing zijn (paragraaf 3.3). Uitgangspunt is dat het geplande parkeeraanbod binnen het uitgeefbare gebied te realiseren is. Parkeerplaatsen voor bezoekers zijn daarbij openbaar toegankelijk.
Maatvoering parkeerplaatsen (auto)
Naast het minimaal aantal te realiseren parkeerplaatsen beoordelen we de inrichting van parkeervoorzieningen op bruikbaarheid en veiligheid. Voor de toetsing van de maatvoering van individuele parkeerplaatsen hanteren we het gemeentelijk Handboek Openbare Ruimte en de meest recente versie van de CROW-publicatie 'ASVV: aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom'. Voor het toetsen op parkeerplaatsen in (gebouwde) parkeervoorzieningen en parkeerterreinen hanteren we de meeste recente versie van de NEN-normering 2443: 'Parkeren en stallen van personenauto's op terreinen en in parkeergarages'. In tabel 3.1 staan minimum afmetingen van parkeervakken.
Onderdeel
maatvoering
Toegankelijkheid
doorgang minimaal 2,30 meter breed
parkeerplaats op maaiveld (bijv. bij oprit of carport)
minimaal 2,50 meter breed
minimaal 5,00 meter lang
parkeerplaats in garage (bij woning of losse garagebox)
minimaal 2,80 meter breed
minimaal 5,50 meter lang
meerdere parkeerplaatsen naast elkaar (per parkeervak)
minimaal 2,50 meter breed
minimaal 5,00 meter lang
Tabel 3.1: Minimale maatvoering parkeerplaatsen
Uiteraard zijn de parkeerplaatsen bereikbaar. Bij twijfel maakt de initiatiefnemer dit met behulp van rijcurves inzichtelijk. Ook daarbij gelden de richtlijnen uit ASVV en NEN 2443.
Rekenwaarde parkeerplaatsen bij woningen (auto)
Voornamelijk bij woningen blijkt in de praktijk dat bijvoorbeeld een garage(box) niet als parkeerruimte gebruikt wordt. Het gevolg is dat parkeeroverlast kan ontstaan. Parkeerplaatsen in een garage(box), oprit of carport bij woningen tellen daarom niet mee als volwaardige parkeerplaats. In tabel 3.2 is aangegeven in welke mate een parkeerplaats voor de functie wonen meetelt aan de aanbodzijde.
parkeervoorziening
theoretisch aantal
berekeningsaantal
opmerking
enkele oprit zonder garage(box)
1
0,8
oprit min. 5,0m lang en 2,5m breed
lange oprit zonder garage(box) of carport
2
1,5
oprit min. 10,0m lang en 2,5m breed
dubbele oprit zonder garage(box)
2
1,7
oprit min. 5,0m lang en 4,5m breed
garage(box) zonder oprit (bij woning)
1
0
min. 2,80m breed en 5,50m lang
garage(box) (niet bij woning)
1
0
min. 2,80m breed en 5,50m lang
garage(box) met enkele oprit
2
0,8
oprit min. 5,0m lang en 2,5m breed
garage(box) met lange oprit
3
1,5
oprit min. 10,0m lang en 2,5m breed
garage(box) met dubbele oprit
3
1,7
oprit min. 5,0m lang en 4,5m breed
Tabel 3.2: Berekeningsaantal bij toetsing parkeeraanbod bij woningbouwontwikkelingen
Rekening houden met (toekomstig) gebruik
Bij de vormgeving van de parkeeroplossing houden wij altijd rekening met de doelgroep die de parkeerplaatsen gaat gebruiken. Hoewel gemeente Hoeksche Waard plannen toetst op voldoende parkeergelegenheid (in aantal) voor auto’s en fietsen en de bruikbaarheid daarvan, zijn ook andere elementen van belang die er voor zorgen dat sprake is van een duurzame parkeeroplossing. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:
Gehandicaptenparkeerplaatsen:
Bij openbare gebouwen, functies die voor gehandicapten toegankelijk zijn en aangepaste woningen tenminste 1 gehandicapten¬parkeerplaats realiseren. De gehandicapten¬parkeer¬plaatsen liggen zo dicht mogelijk bij de (hoofd)ingang van een gebouw. De maximale afstand tot de ingang bedraagt 50 meter.
Bij publieke voorzieningen is tenminste 5% van de parkeerplaatsen als gehandicaptenparkeerplaatsen ingericht. De maximale afstand tot de ingang bedraagt 100 meter.
Als er sprake is van een groot (vanaf 50 parkeerplaatsen) openbaar parkeerterrein of parkeergarage per 50 gewone parkeerplaatsen 1 gehandicaptenparkeerplaats realiseren (2% van de parkeercapaciteit).
Elektrische laadpunten voor auto’s. Op 1 januari 2019 was bijna 2% van alle personenauto’s een elektrische auto. De verwachting is dat het aantal elektrische auto’s de komende jaren exponentieel toeneemt. Daarom moet minimaal 10% van het aantal parkeerplaatsen conform het gebruikersdeel van de parkeernorm zijn ingericht met een elektrisch oplaadpunt en moet dit voor nog eens 25% zijn voorbereid.
Bij parkeerterreinen met meer dan 10 parkeervakken dienen alle parkeervakken voorzien te zijn van loze leidingen om het elektrisch laden in de toekomst mogelijk te maken.
Gereserveerde parkeerplaatsen voor specifieke doelgroepen, bijvoorbeeld voor bewoners, deelauto’s, artsen en dergelijke.
De aanwezigheid van openbaar vervoervoorzieningen zoals R-Net.
Ruimte voor laden en lossen.
Ruimte voor ‘buitenmodel’ fietsen, zoal bakfietsen, scooters en bromfietsen en voldoende oplaadpunten (conform actuele CROW richtlijnen) voor elektrische (brom)fietsen.
Sociale woningbouw
Bij sociale woningbouw is het vaak financieel niet mogelijk om de parkeerplaatsen in een gebouwde parkeervoorziening te realiseren. Daarnaast huren bewoners vaak geen parkeerplaats in de gebouwde parkeervoorziening. Gemeente Hoeksche Waard geeft er daarom de voorkeur aan dat parkeerplaatsen bij sociale woningbouw op maaiveld worden gerealiseerd.
Artikel 3.2