Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf

Artikel 4:11

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Noordenveld 2021

Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag de volgende houtopstand(en) te vellen of te doen vellen: houtopstand op terreinen met recreatiewoningen gelegen in bos met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 10 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld; bomen in een houtwal of houtsingel, laanstructuur of op brinken binnen de bebouwde kom als bedoeld in artikel 4:10 sub h; bomen zijnde erfbeplanting als bedoeld in artikel 4:10 sub g met een dwarsdoorsnede van meer dan 30 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld; bomen die staan vermeld op de lijst met waardevolle en monumentale bomen; bomen buiten de bebouwde kom die deel uitmaken van een zelfstandige eenheid met een oppervlakte kleiner dan 10 are of rijbeplanting van minder dan 20 bomen gerekend over het totaal aantal rijen; een houtopstand die ter uitvoering van een herplantplicht als bedoeld in lid 3 of artikel 4:12b is geplant; Het verbod geldt niet: indien het bevoegd gezag vanwege acuut gevaar voor schade of letsel toestemming heeft gegeven voor het vellen; voor bomen in eigendom van de gemeente, die niet zijn aangewezen als monumentaal en mits het vellen wordt uitgevoerd overeenkomstig het door het bevoegd gezag vastgestelde Bomenbeleidsplan Noordenveld; voor een houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; voor het periodiek afzetten van een houtopstand ter uitvoering van het reguliere onderhoud; voor wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouw gronden, beide voor zover bestaande uit niet geknotte populieren of wilgen; voor een houtopstand waarop het Besluit activiteiten leefomgeving van toepassing is; voor een houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het bevoegd gezag, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4:12b. Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften. Het verbod is niet van toepassing op het gebied dat valt onder het omgevingsplan voor zover dit nader wordt aangeduid in het Chw bestemmingsplan Oosterveld Fase 2 en 3. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel