Naar hoofdinhoud

Titel 2

Artikel 15

Verantwoording subsidie

Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Urk 2021

1.. De subsidieontvanger dient, uiterlijk zes maanden na afloop van het subsidietijdvak of de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, een aanvraag tot vaststelling in bij het college van burgemeester en wethouders. 2.. De aanvraag tot vaststelling bevat: een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en hoe resultaten zijn bereikt, een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel jaarverslag of jaarrekening), wanneer de subsidie hoger is dan € 25.000 dan dient een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop overlegd te worden, een samenstellingsverklaring van de accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, indien de verstrekte subsidie meer dan € 50.000,00 (prijspeil 2020) bedraagt, het college van burgemeester en wethouders kan van sommige organisaties in plaats van de in lid 2 sub d genoemde verklaring een controle- of beoordelingsverklaring te vragen. 3.. Het college van burgemeester en wethouders kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overlegd. 4.. Het college van burgemeester en wethouders kan in uitzonderlijke gevallen bepalen dat later ingediende aanvragen toch in behandeling worden genomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel