Naar hoofdinhoud

Titel 3

Artikel 18

Vermogensvorming

Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Urk 2021

1.. Voor zover de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming kan het college van burgemeester en wethouders een vergoeding vragen van de subsidieaanvrager. 2.. De hoogte van de vergoeding is gelijk aan de toename van het vermogen als gevolg van de subsidie. Het college van burgemeester en wethouders kan een lagere vergoeding vaststellen. 3.. De vergoeding bedoeld in lid 1 is slechts verschuldigd in het geval dat: de subsidieaanvrager voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen vervreemdt of bezwaart of de bestemming daarvan wijzigt de subsidieaanvrager een schadevergoeding ontvangt voor verlies of beschadiging van voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen de gesubsidieerde activiteiten geheel of gedeeltelijk worden beëindigd de subsidieverlening of subsidievaststelling wordt ingetrokken of de subsidie wordt beëindigd de rechtspersoon die de subsidie ontving wordt ontbonden 4.. Van een gebeurtenis als bedoeld in het vorige lid, doet de instelling onverwijld mededeling aan het college van burgemeester en wethouders . 5.. Het college van burgemeester en wethouders stelt de vergoeding vast binnen twee jaar nadat zij op de hoogte is gekomen of kon zijn van de gebeurtenis die het recht op vergoeding deed ontstaan. 6.. De in lid 5 genoemde termijn kan worden verlengd wanneer de situatie daarom vraagt. Hiervan wordt de subsidieontvanger op de hoogte gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel