Een deelnemende gemeente kan uittreden door toezending aan het algemeen bestuur van een daartoe strekkend besluit van zijn bevoegde bestuursorganen. Het algemeen bestuur kan aan de uittreding voorwaarden verbinden.
Onder de geschillen omtrent de uitvoering of toepassing van de regeling als bedoeld in artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, is steeds begrepen een geschil over de (uitvoering van de) voorwaarden.
Het algemeen bestuur keurt de uittreding goed door vaststelling en regeling van de financiële gevolgen alsmede de overige gevolgen van uittreding.
De uittreding vindt plaats op 1 januari van het jaar, volgende op dat waarin de in het derde lid bedoelde goedkeuring is ontvangen, voor zover daarbij niet anders is bepaald.
HOOFDSTUK XIII
Artikel 34
Uittreding
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Stadsgewest ‘s-Hertogenbosch