Voor het toepassen van grond van buiten de gemeenten in de regio Achterhoek gelden de volgende toepassingseisen en -voorwaarden
• Grond met een geaccepteerde bodemkwaliteitskaart als erkend bewijsmiddel, in combinatie met een uitgevoerd historisch onderzoek, moet voldoen aan de kwaliteitsklasse ‘Landbouw/natuur’.
• Grond met een partijkeuring als erkend bewijsmiddel moet voldoen aan de generieke toepassingseisen (zie de kaartbijlagen N4).
• Grond uit Duitsland moet ook voorzien zijn van een partijkeuring. Voor deze grond geldt bovendien de Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen[25] (EVOA). Op de website van de Inspectie Leefomgeving en transport (https://www.ilent.nl/onderwerpen/afvaltransport-evoa) wordt ingegaan of een kennisgeving (vergunningsaanvraag) gedaan moet worden. Als een vergunning aangevraagd moet worden, blijkt uit de EVOA-beschikking op de aanvraag of de grond mag worden toegepast. Pas dan mag de grond naar Nederland worden getransporteerd en toegepast.
• Te allen tijde geldt dat de gehalten aan PFAS-verbindingen moet zijn aangetoond en dat deze de landelijke achtergrondwaarden niet overschrijden.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.9
Toepassen van grond afkomstig van gebieden van buiten de gemeenten in de regio Achterhoek
Onderdeel van Nota bodembeheer Regio Achterhoek