Een vergunning kan door de burgemeester conform het bepaalde in artikel 31 lid 2 Alcoholwet worden ingetrokken indien de vergunninghouder de bij of krachtens deze wet gestelde regels, dan wel de aan een vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen, niet nakomt.
Een vergunning kan voorts door de burgemeester conform het bepaalde in artikel 31 lid 3, worden ingetrokken, indien:
er sprake is van het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur. Voordat daaraan toepassing wordt gegeven, kan het Bureau bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van voornoemde wet, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd.
een vergunninghouder in een periode van twee jaar ten minste drie maal op grond van artikel 30a, eerste lid, om bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning heeft verzocht en de burgemeester die wijziging van het aanhangsel ten minste driemaal heeft geweigerd op grond van artikel 30a, vijfde lid.
Een vergunning kan conform het bepaalde in artikel 32 in de gevallen bedoeld in artikel 31, tweede en derde lid, door de burgemeester worden geschorst voor een periode van ten hoogste 12 weken. Tijdens de schorsing verleent de burgemeester de vergunninghouder geen nieuwe vergunning op grond van artikel 3.
Na ontvangst mutatie van de bevoegde opsporingsinstantie worden in ieder geval de volgende stappen genomen, waarbij een verjaringstermijn geldt van 1 jaar:
Eerste stap
De burgemeester schorst de vergunning voor een periode van 12 weken.
Tweede stap
De vergunning wordt door de burgemeester ingetrokken.
Indien de overtreder na het intrekken van de vergunning de exploitatie niet beëindigt dan gelden de stappen genoemd onder 1.2 van dit hoofdstuk.
Overtreding van een of meerdere verboden zoals gesteld in de artikelen 12 tot en met 19 Alcoholwet en artikelen 22 tot en met 25 Alcoholwet
Na ontvangst mutatie van de bevoegde opsporingsinstantie waaruit blijkt dat een of meerdere verboden zoals gesteld in de artikelen 12 DWH tot en met 19 Alcoholwet wordt/worden overtreden, worden in ieder geval de volgende stappen genomen waarbij een verjaringstermijn van 6 maanden wordt gehanteerd:
Eerste stap
De overtreden ontvangt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, van de burgemeester een waarschuwingsbrief.
Tweede stap
De overtreder wordt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, door de burgemeester, een last onder dwangsom opgelegd ad € 750,- per dag met een maximum van € 1500,-.
Derde stap
De vergunning wordt door de burgemeester ingetrokken.
Indien de overtreder na het intrekken van de vergunning de exploitatie niet beëindigt dan legt de burgemeester een dwangsom op ad € 7500,- per dag met een maximum van € 7500,-. Tevens wordt op grond van artikel 36 Alcoholwet andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met deze wet alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte ontzegd.
Wanneer de exploitatie nog steeds niet wordt beëindigd, wordt door de burgemeester, een last onder bestuursdwang opgelegd door middel van sluiting van de inrichting, met als doel de overtreding onmiddellijk te beëindigen.
Overtreding van een of meerdere verboden zoals gesteld in de artikelen 20 en 21 DWH
Na ontvangst mutatie van de bevoegde opsporingsinstantie waaruit blijkt dat een of meerdere verboden zoals gesteld in de artikelen 20 en 21 Alcoholwet wordt/worden overtreden, worden in ieder geval de volgende stappen genomen waarbij een verjaringstermijn van 6 maanden wordt gehanteerd:
Eerste stap
De overtreden ontvangt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, van de burgemeester een waarschuwingsbrief.
Tweede stap
De overtreder wordt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, door de burgemeester, een last onder dwangsom opgelegd ad € 1500,- per dag met een maximum van € 3000,-.
Derde stap
De vergunning wordt door de burgemeester ingetrokken.
Indien de overtreder na het intrekken van de vergunning de exploitatie niet beëindigt dan legt de burgemeester een dwangsom op ad € 7500,- per dag met een maximum van € 7500,-. Tevens wordt op grond van artikel 36 Alcoholwet andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met deze wet alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte ontzegd.
Wanneer de exploitatie nog steeds niet wordt beëindigd, wordt door de burgemeester, een last onder bestuursdwang opgelegd door middel van sluiting van de inrichting, met als doel de overtreding onmiddellijk te beëindigen.
Geattendeerd wordt hier op de overtreding van artikel 20 van de Alcoholwet, waarin is aangegeven dat het verboden is bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank te verstrekken aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt alsmede waarin het verboden is bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke drank te verstrekken aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze onmiskenbaar de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt.
Bij gerede twijfel dient aan de hand van een legitimatiebewijs de leeftijd te worden vastgesteld. De vaststelling geschiedt aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de identificatieplicht, dan wel een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen document. Om te voorkomen dat iedereen moet worden gecontroleerd is bepaald dat de leeftijd niet hoeft te worden vastgesteld van personen die duidelijk ouder zijn dan 18 jaar.
Een bepaling uit een krachtens artikel 4 Alcoholwet vastgestelde verordening c.a. bepalingen wordt overtreden
Bij gemeentelijke verordening worden ter voorkoming van oneerlijke mededinging regels gesteld waaraan paracommerciële rechtspersonen zich te houden hebben bij de verstrekking van alcoholhoudende drank.
Na ontvangst mutatie van de bevoegde opsporingsinstantie worden in ieder geval de volgende stappen genomen waarbij een verjaringstermijn van 6 maanden wordt gehanteerd:
Eerste stap
De overtreden ontvangt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, van de burgemeester een waarschuwingsbrief.
Tweede stap
De overtreder wordt, naar aanleiding van de aangeleverde mutatie, door de burgemeester, een last onder dwangsom opgelegd ad € 1500,- per dag met een maximum van € 3000,-.
Derde stap
De vergunning wordt door de burgemeester ingetrokken.
Tevens wordt op grond van artikel 36 Alcoholwet andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met deze wet alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte ontzegd.
Wanneer de exploitatie nog niet wordt beëindigd, wordt door de burgemeester, een last onder bestuursdwang opgelegd door middel van sluiting van de inrichting, met als doel de overtreding onmiddellijk te beëindigen.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.3.2
Schorsing en intrekking vergunning conform artikel 31 lid 2 en 3 en artikel 32 Alcoholwet
Onderdeel van Horecastappenplan 2021 Gemeente Valkenswaard