Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Technische ontwikkelingen

Onderdeel van CAMERABELEID GEMEENTE GORINCHEM

Drones Drones zijn kleine, op afstand bestuurbare, luchtvaartuigen die in veel gevallen ook zijn voorzien van een camera. Binnen art. 151c van de Gemeentewet zijn drones in theorie ook mogelijk, maar met drones kan een zeer groot gebied in beeld worden gebracht. Dat zou betekenen dat het gehele gebied moet worden aangewezen als cameratoezichtgebied. De proportionaliteit daarvan kan meestal niet worden onderbouwd. Verder zijn verschillende toestemmingen vereist om drones op deze wijze te mogen inzetten. Momenteel is er onvoldoende aanleiding om deze manier van cameratoezicht in te zetten voor het handhaven van de openbare orde. Bodycams Bodycams worden door veel gemeenten uitgereikt aan de toezichthouders/handhavers omdat ze het werk veiliger kunnen maken. De inzet kan worden gebaseerd op art. 6.1f van de AVG als het doel is om de veiligheid van de toezichthouders/handhavers te vergroten. De gemeente zet de bodycams dan niet in vanuit haar bestuursrechtelijke taak als overheid die het algemeen belang dient (art. 6.1e van de AVG), maar vanuit haar privaatrechtelijke taak als werkgever die een veilige werkplek moet bieden aan haar werknemers. Gezichtsherkenning Automatische gezichtsherkenning met behulp van camera’s werkt redelijk goed in gecontroleerde omstandigheden en bij meewerkende personen. Dan gaat het dus bijvoorbeeld om het inchecken op een vliegveld of de toegangscontrole in een voetbalstadion. Automatische gezichtsherkenning werkt niet goed “in het wild”, dus op straat bij ongecontroleerde omstandigheden en bij niet-meewerkende personen. Zelfs als het al lukt om de gezichten van voorbijgangers in beeld te krijgen, is identificatie vaak onmogelijk omdat er geen database is met foto’s om mee te vergelijken. De privacywetgeving stelt daarnaast zeer strenge eisen aan gezichtsherkenning. Om deze redenen is er geen aanleiding deze technologie in te zetten in de gemeente Gorinchem. Slimme camera’s, algoritmes Sommige analyses op basis van camerabeelden kunnen goed worden geautomatiseerd. Bewe-gingsdetectie is een voorbeeld van een goed werkende technologie: de camera filmt dan bijvoorbeeld alleen als er iets in beeld verandert of richt zich automatisch op een plek waar wat gebeurt. Ook kentekenherkenning werkt heel goed en levert bruikbare resultaten op. Complexere analyses, zoals gedragsherkenning of agressiedetectie, werken vaak veel minder goed. De gemeente Gorinchem zet slimme camera’s en slimme algoritmes zo spaarzaam mogelijk in. Ten eerste omdat de inzet veel tijd kost omdat de hardware en software moeten worden ingeregeld. Ten tweede omdat de privacyrisico’s veel groter zijn dan bij reguliere camera’s. In elk geval wordt er te allen tijde voorafgaand aan de mogelijke inzet van dit soort technologie een DPIA opgesteld. BIJLAGEN Bijlage 1 – Juridisch kader Het recht op privacy is vastgelegd in de Grondwet en het EVRM Artikel 10 lid 1 Grondwet Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. Artikel 8 lid 2 EVRM Geen inmenging van enig openbaar gezag is toegestaan in de uitoefening van [het recht op privacy], dan voor zover bij wet is voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk is in het belang van de nationale veiligheid, de openbare veiligheid of het economisch welzijn van het land, het voorkomen van wanordelijkheden en strafbare feiten, de bescherming van de gezondheid of de goede zeden of voor de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen. Inbreuken op grondrechten zijn alleen mogelijk als die rechtmatig zijn. Een van de voorwaarden is dat er een wettelijke grondslag moet zijn. In de AVG zijn zes grondslagen genoemd in art. 6: Artikel 6 AVG Rechtmatigheid van de verwerking De verwerking is alleen rechtmatig indien en voor zover aan ten minste een van de onderstaande voorwaarden is voldaan: de betrokkene heeft toestemming gegeven voor de verwerking van zijn persoonsgegevens voor een of meer specifieke doeleinden; de verwerking is noodzakelijk voor de uitvoering van een overeenkomst waarbij de betrokkene partij is, of om op verzoek van de betrokkene vóór de sluiting van een overeenkomst maatregelen te nemen; de verwerking is noodzakelijk om te voldoen aan een wettelijke verplichting die op de verwerkingsverantwoordelijke rust; de verwerking is noodzakelijk om de vitale belangen van de betrokkene of van een andere natuurlijke persoon te beschermen; de verwerking is noodzakelijk voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen; de verwerking is noodzakelijk voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde, behalve wanneer de belangen of de grondrechten en de fundamentele vrijheden van de betrokkene die tot bescherming van persoonsgegevens nopen, zwaarder wegen dan die belangen, met name wanneer de betrokkene een kind is. De eerste alinea, punt f), geldt niet voor de verwerking door overheidsinstanties in het kader van de uitoefening van hun taken. Voor gemeentelijk cameratoezicht heeft de wetgever die grondslag gecreëerd in art. 151c Gemeentewet: Art. 151c Gemeentewet De raad kan bij verordening de burgemeester de bevoegdheid verlenen om, indien dat in het belang van de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is, te besluiten om voor een bepaalde duur camera’s in te zetten ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats als bedoeld in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties en andere bij verordening aan te wijzen plaatsen die voor een ieder toegankelijk zijn. De burgemeester besluit met inachtneming van het in de verordening van de raad bepaalde: binnen welk gebied, bestaande uit openbare plaatsen of andere voor een ieder toegankelijke plaatsen als bedoeld in het eerste lid, camera’s worden ingezet; voor welke duur de gebiedsaanwijzing plaatsvindt. De burgemeester stelt, na overleg met de officier van justitie in het overleg, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Politiewet 2012, de periode vast waarin in het belang van de handhaving van de openbare orde daadwerkelijk gebruik van de camera’s plaatsvindt en de met de camera’s gemaakte beelden in elk geval rechtstreeks worden bekeken. De burgemeester bedient zich bij de uitvoering van het in het eerste lid bedoelde besluit van de onder zijn gezag staande politie. De burgemeester trekt het besluit, bedoeld in het eerste lid, in zodra de inzet van camera’s niet langer noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de openbare orde. De aanwezigheid van camera’s als bedoeld in het eerste lid is op duidelijke wijze kenbaar voor een ieder die het gebied, bedoeld in het tweede lid, onder a, betreedt. Met de camera’s worden uitsluitend beelden gemaakt van een openbare plaats als bedoeld in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties en andere bij verordening aan te wijzen plaatsen die voor een ieder toegankelijk zijn. Ten behoeve van de handhaving van de openbare orde worden in het kader van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, gegevens verwerkt. De verwerking van de gegevens, bedoeld in het achtste lid, is een verwerking als bedoeld in de Wet politiegegevens, met dien verstande dat, in afwijking van het bepaalde in artikel 8 van die wet, de vastgelegde beelden na ten hoogste vier weken worden vernietigd en de gegevens, bedoeld in het achtste lid, indien er concrete aanleiding bestaat te vermoeden dat die gegevens noodzakelijk zijn voor de opsporing van een strafbaar feit, ten behoeve van de opsporing van dat strafbare feit kunnen worden verwerkt. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met het oog op de goede uitvoering van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, regels worden gesteld omtrent: de camera’s en andere technische hulpmiddelen benodigd voor het toezicht, bedoeld in het eerste lid, en de wijze waarop deze hulpmiddelen worden aangebracht; de personen belast met of anderszins direct betrokken bij de uitvoering van het toezicht; en de ruimten waarin de waarneming of verwerking van door het toezicht vastgelegde beelden plaatsvindt. De raad moet de burgemeester de bevoegdheid geven camera’s te plaatsen. Dat is in de gemeente Gorinchem gebeurd in de APV: APV Gorinchem, artikel 2:77 Cameratoezicht op openbare plaatsen De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151c van de Gemeentewet besluiten tot plaatsing van vaste camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats. De burgemeester heeft de bevoegdheid als bedoeld in het eerste lid eveneens ten aanzien van andere voor een ieder toegankelijke plaatsen: parkeerterreinen; parkeergarages. Het besluit om gemeentelijke camera’s te plaatsen wordt genomen door de burgemeester. Maar de politie is verantwoordelijk voor de verwerking van de camerabeelden volgens de Wet politiegegevens. De Autoriteit Persoonsgegevens legt uit hoe dat zit. Rolverdeling burgemeester en politie bij openbare orde camera’s In art. 151c Gemeentewet staat dat de burgemeester het besluit neemt om camera’s te plaatsen. Daarna bedient de burgemeester zich van de politie voor uitvoering van dat besluit. De camerabeelden vallen niet onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming, maar onder de Wet politiegegevens. De Autoriteit Persoonsgegevens interpreteert deze wetstekst in de zin dat de gemeente de verwerkingsverantwoordelijke is voor de inzet van het cameratoezicht en dat de politie de verwerkingsverantwoordelijke is voor de verwerking van de camerabeelden. De Autoriteit Persoonsgegevens geeft de volgende uitleg op haar website. De burgemeester (gemeente) en de korpschef (Nationale Politie) zijn elk verwerkingsverantwoordelijke voor een verschillend deel van het cameratoezicht. De burgemeester is verwerkingsverantwoordelijke voor de inzet van cameratoezicht. De burgemeester beslist, samen met de gemeenteraad, wanneer en gedurende welke periode de gemeente cameratoezicht inzet. Daarbij maakt de burgemeester voor de uitvoering van het cameratoezicht gebruik van de politie; De politie is verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de beelden. De politie bekijkt en gebruikt de camerabeelden – voor rechtstreeks toezicht ter handhaving van de openbare orde, maar ook voor de opsporing van strafbare feiten. Over de vraag of dit betekent dat de politie ook de enige instantie is die de camerabeelden mag bekijken, opslaan en verwijderen wordt verschillend gedacht. Omdat gemeente en politie allebei verwerkingsverantwoordelijke zijn, moeten ze ook allebei een Data Protection Impact Assessment (DPIA) uitvoeren voor hun deel van het verwerkingsproces. Zij moeten deze DPIA’s uiteraard afstemmen met elkaar. Ze kunnen er ook voor kiezen om gezamenlijk een DPIA uit te voeren. De gemeente Gorinchem kiest ervoor DPIA’s voor camera’s ter handhaving van de openbare orde altijd samen uit te voeren met de politie. DPIA’s voor bewakingscamera’s stelt de gemeente zelf op, aangezien de gemeente daar de enige verwerkingsverantwoordelijke is. In de gemeente Gorinchem zijn in het verleden gemeentelijke camera’s onder de Gemeentewet geplaatst, die eigenlijk onder het regime van de AVG hadden moeten vallen. Het begrip openbare orde werd te ruim uitgelegd. Bijlage 2 – Overzicht cameraprojecten Gorinchem Hieronder volgt een overzicht van cameraprojecten in de gemeente Gorinchem. Het is geen uitputtend overzicht: de camera’s van Riveer staan er bijvoorbeeld nog niet specifiek in beschreven, evenals de bewakingscamera’s binnen het stadhuis. Ook cameraprojecten waarover de gemeenteraad nog een besluit moet nemen, zoals in het gebied Buiten de Waterpoort, zijn nog niet opgenomen. De informatie zal worden toegevoegd als de actualiteit daarom vraagt en de benodigde informatie beschikbaar is. Grote Markt Op de Grote Markt is een gemeentelijke camera geplaatst op grond van artikel 2:77 van de Algemene plaatselijke verordening en artikel 151c van de Gemeentewet. Het doel van de camera is handhaving van de openbare orde en een preventieve werking tegen jeugdoverlast en veelvoorkomende criminaliteit. De beelden worden rechtstreeks bekeken in de Camera Uitlees Ruimte onder regie van de politie. Het cameratoezicht wordt voor het einde van de aanwijstermijn (1 maart 2025) geëvalueerd op noodzakelijkheid waarna wordt bepaald of het cameratoezicht verlengd moet worden of kan worden beëindigd. Parkeergarages In de twee gemeentelijke parkeergarages Kweeklust en Kazerneplein worden bewakingscamera’s ingezet voor beveiliging bij de betaalautomaten en op andere plekken. De camera’s bij de ingangen hebben kentekenherkenning ten behoeve van het in- en uitrijden en de bediening van de slagbomen. Het doel is toezicht op personen en beveiliging van eigendommen via preventie en opsporing achteraf. Als de politie de beelden achteraf wil raadplegen of gebruiken voor opsporing is daar een vordering voor vereist. De eigenaar van de parkeergarage kan ook ongevraagd en spontaan camerabeelden aan de politie verstrekken, bijvoorbeeld in het kader van een aangifte. Dit is privaatrechtelijk cameratoezicht en dus is het wettelijke kader de AVG. Stadsafsluiting centrum Er zijn elf verzinkbare palen in en rond het centrum. Deze stadsafsluitingen – ook wel bollards of pollers genoemd – worden gebruikt om de toegang tot parkeerterreinen, de busbaan of het stadscentrum te beperken tot abonnementhouders, voertuigen met een ontheffing en hulpdiensten. De paal wordt bediend via een camera met kentekenherkenning. Het doel is toegangsbeheer. Als er binnen het zicht van de camera’s strafbare feiten plaatsvinden, kunnen de beelden worden gebruikt door de politie voor opsporingsonderzoek. Als de politie de beelden opvraagt is een vordering nodig. Stadhuis In en rondom het stadhuis wordt camerabewaking ingezet voor de veiligheid van bezoekers, medewerkers en politieke ambtsdragers. De camerabeelden worden rechtstreeks bekeken in de Camera Uitlees Ruimte en 28 dagen bewaard. Als er strafbare feiten op te zien zijn, kunnen de opnames door de politie worden gebruikt voor een opsporingsonderzoek. De camera’s rondom het stadhuis zijn opgehangen in 2020 na een aanwijzingsbesluit van de burgemeester op grond van art. 151c van de Gemeentewet. Het aanwijzingsbesluit is daarna één jaar verlengd tot 1 maart 2022. Daarna moeten de camera’s zijn overgeheveld naar het privaatrechtelijke regime van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Dit omdat het feitelijk bewakingscamera’s zijn net als de camera’s in het Stadhuis en geen ‘gemeentelijke’ camera’s voor handhaving van de openbare orde. Stationsgebied – Merwede-Lingelijn Rondom treinstation Gorinchem wordt camerabewaking ingezet voor de beveiliging van het stationsgebouw en de fietsenstalling en voor de veiligheid van reizigers en medewerkers. De camera-beelden worden rechtstreeks bekeken in de Camera Uitlees Ruimte en 28 dagen bewaard. Als er strafbare feiten op te zien zijn, kunnen de opnames door de politie worden gebruikt voor een opsporingsonderzoek. De camera’s zijn geplaatst na een aanwijzingsbesluit van de burgemeester op grond van art. 151c van de Gemeentewet. Het aanwijzingsbesluit is verlengd tot 1 maart 2022. Daarna moeten de camera’s zijn overgeheveld naar het privaatrechtelijke regime van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Dit gebeurt ook in de andere gemeenten aan de Merwede-Lingelijn. Bedrijventerreinen In 1994 besloten de gemeente, brandweer, politie en ondernemersverenigingen gezamenlijk de beveiliging van industrieterreinen te willen verbeteren. Er waren toen vijf bedrijventerreinen. In 2021 waren er zeven bedrijventerreinen. Ook andere gemeenten, de Merwede-Lingelijn en andere bedrijfsterreinen zijn aangesloten bij Security 5. De camerabeelden komen binnen in de Camera Uitlees Ruimte. Ook kan de politie opgenomen beelden achteraf komen bekijken na incidenten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel