Het gaat hier om inkomsten ‘in natura’ (bijvoorbeeld voeding, kost en inwoning, etc.) in ruil voor geleverde arbeid. Dat inkomen in natura moet worden gewaardeerd op de hoogte van het daarvoor door de klant opgeofferde bedrag. Daarmee wordt bedoeld: welk bedrag zou de klant hebben kunnen krijgen als zijn arbeid uitbetaald was? Denk daarbij aan een klant die afgezien heeft van een arbeidsbeloning, in ruil voor een reisje naar een vakantie-oord. Als niet duidelijk is welk bedrag ‘opgeofferd’ is, dan is er geen sprake van inkomen dat betrokken moet worden bij de bijstandverlening. Als het inkomen in natura objectief gezien een veel hogere waarde heeft dan het opgeofferde bedrag, is er sprake van een gift (zie par. 6.2.11).
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4
Bijzondere vormen van inkomen 4.4.1 Inkomen in natura
Onderdeel van Beleidsregels Werk en Inkomen Gemeente Lochem