Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1

Verplichtingen over werk en tegenprestatie

Onderdeel van Beleidsregels Werk en Inkomen Gemeente Lochem

Uitgangspunt Op grond van de Participatiewet hebben klanten met een bijstandsuitkering een aantal verplichtingen. Het gaat om de verplichting om naar vermogen werk te zoeken, te aanvaarden en te behouden, en gebruik te maken van door het College aangeboden voorzieningen. Ook moet de klant meewerken aan gesprekken en onderzoeken met het oog op werk. Deze verplichtingen worden ‘arbeidsverplichtingen’ genoemd. De consulent werk van Het College zal deze arbeidsverplichtingen met de klant bespreken en concreet maken. De klant kan van één of meer verplichtingen tijdelijk ontheffing krijgen als daar een dringende reden voor is. Er dient sprake te zijn van omstandigheden van medische en / of sociale aard waardoor niet van de persoon kan worden gevraagd dat deze aan de arbeidsverplichtingen voldoet. Er dient sprake te zijn van een individuele beoordeling waarbij sprake is van de expertise van onafhankelijk deskundigen. Voor mensen die blijvend en volledig arbeidsongeschiktheid zijn, gelden de arbeidsverplichtingen niet. Onder de arbeidsverplichting valt bijvoorbeeld de verplichting om: te solliciteren; in te schrijven bij uitzendbureaus; gebruik te maken van een scholingstraject; mee te werken aan een onderzoek naar arbeidsmogelijkheden; mee te werken aan het opstellen van een plan van aanpak. De (algemene) verplichtingen om werk te zoeken en gebruik te maken van de hulp van het College worden opgenomen in een beschikking. De verplichtingen worden zo concreet mogelijk gemaakt, zodat duidelijk is voor de klant wat het College van hem verwacht. Arbeidsverplichtingen die worden geconcretiseerd, worden ook in een beschikking opgenomen. Denk bijvoorbeeld aan de verplichting om ingeschreven te staan bij een aantal uitzendbureaus. Als de klant de arbeidsverplichtingen niet wil nakomen wordt de bijstandsuitkering verlaagd. Meer informatie over het verlagen van de bijstand vindt u in hoofdstuk 6 ‘Bestuurlijke sancties’. Wettelijke arbeidsverplichtingen De wetgever heeft in artikel 18 Participatiewet een aantal specifieke verplichtingen opgesomd die betrekking hebben op het zoeken naar werk. De wetgever heeft daaraan toegevoegd, dat de bijstandsuitkering wordt verlaagd met 100% voor de duur van een maand, als de klant deze verplichtingen niet nakomt. De omstandigheden van de klant worden altijd bij de invulling van deze verplichtingen betrokken. Het College bepaalt dan, hoe deze verplichtingen precies kunnen worden toegepast op de situatie van de klant. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een klant vaak solliciteert, maar altijd alleen binnen een straal van drie kilometer van zijn huis, en daar geen werk vindt. Deze klant wordt niet direct geconfronteerd met verlaging van de bijstand, maar heeft wel iets uit te leggen. De klant moet ook verder weg gaan solliciteren. Een klant die ontslag neemt vanwege de reisduur van twee uur per dag, komt in aanmerking voor een verlaging van de bijstand. Het is wel mogelijk dat er dringende redenen zijn die maken dat het ontslag toch niet verwijtbaar is. Per geval moet het College dit onderzoeken.

Rechtspraak bij dit artikel