Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.1.3

Het checken van gegevens

Onderdeel van Beleidsregels Werk en Inkomen Gemeente Lochem

Doel van het aanvraagproces is dat duidelijk wordt of de klant recht heeft op een bijstandsuitkering. Noodzakelijke gegevens moeten dus geverifieerd worden, dwz. de juistheid van de gegevens moet worden gecheckt. Gegevens kunnen op verschillende manieren worden gecheckt: bijvoorbeeld aan de hand van bewijsstukken, door middel van een huisbezoek en door andere instanties te raadplegen. Een aantal instanties is verplicht én bevoegd, om informatie te verstrekken. Het moet hier wel gaan om feiten en omstandigheden die noodzakelijk zijn om de Participatiewet te kunnen uitvoeren. Deze instanties staan genoemd in de Participatiewet. Gegevens over de woon - en leefsituatie worden altijd gecheckt met de Basisregistratie Personen (BRP). In BRP staan niet alleen gegevens over de woonplaats van de aanvrager, maar ook over wie nog meer in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft. De BRP geeft ook duidelijkheid over de verblijfstatus. Andere gegevens worden eerst gecheckt aan de hand van de bewijsstukken die de klant heeft. Als er twijfels zijn over de juistheid of echtheid van de gegevens kunnen deze gecheckt worden bij andere instanties. Dat kan bijvoorbeeld door bestandskoppeling (SUWI-net). Welke bewijsstukken noodzakelijk zijn, hangt af van de individuele situatie. De gegevens en bewijsstukken die opgevraagd worden, kunnen dan ook per persoon verschillen. Belangrijk is of alle noodzakelijke gegevens aanwezig zijn. Ook alle bewijsstukken moeten zijn aangeleverd.

Rechtspraak bij dit artikel