Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.2

Artikel 10

Zelfstandig wonende of in een inrichting verblijvende jongere in de leeftijd 18, 19 en 20 jaar

Onderdeel van Besluit van burgemeester en wethouders van de gemeente Barneveld tot vaststelling van de Beleidsregels Bijzondere bijstand en minimaregelingen Barneveld

1.. Bijzondere bijstand voor noodzakelijke kosten van bestaan van een zelfstandig wonende jongere van 18, 19 of 20 jaar, als genoemd in artikel 12 van de wet, wordt afgestemd op de feitelijke kosten van bestaan van de jongere. De bijzondere bijstand met de toepasselijke bijstandsnorm en het eventuele inkomen samen, bedragen maximaal de bijstandsnorm en/of kostendelersnorm van iemand van 21 jaar in een vergelijkbare situatie. 2.. Bijzondere bijstand voor noodzakelijke kosten van bestaan van een jongere van 18, 19 of 20 jaar, die in een inrichting verblijft, als genoemd in artikel 12 van de wet, wordt afgestemd op de feitelijke kosten van bestaan van de jongere. De bijzondere bijstand met het eventuele inkomen samen, bedragen maximaal de bijstandsnorm van iemand van 21 jaar in een vergelijkbare situatie. 3.. De jongere kan redelijkerwijs zijn onderhoudsrecht jegens zijn ouder(s) in ieder geval niet te gelde maken als: de ouder(s) is (zijn) overleden; de ouder(s) buiten de Europese Unie woont (wonen); de relatie tussen ouder(s) en jongere ernstig verstoord is; of de jongere een alleenstaande ouder, of gehuwd of samenwonend is.

Rechtspraak bij dit artikel