Naar hoofdinhoud
1.. Het inkomen van een zelfstandige wordt voorlopig vastgesteld aan de hand van de jaarcijfers over het aan de aanvraag voorafgaande kalenderjaar. 2.. Het daadwerkelijke inkomen wordt definitief vastgesteld aan de hand van de jaarcijfers over het kalenderjaar waarin de zelfstandige bijzondere bijstand heeft ontvangen. 3.. Na afloop van het kalenderjaar, waarin de zelfstandige bijzondere bijstand heeft ontvangen, is de zelfstandige verplicht om de jaarcijfers over dat kalenderjaar, vóór 1 juli van het daaropvolgende jaar, te verstrekken. 4.. In afwijking van het derde lid, kan het college de termijn voor het verstrekken van de jaarcijfers verlengen, als de individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven. 5.. De bijzondere bijstand die, op basis van het voorlopig vastgestelde inkomen, wordt toegekend, wordt verstrekt in de vorm van een lening. 6.. Met het vastgestelde definitieve inkomen wordt beoordeeld voor welk bedrag de bijzondere bijstand zou zijn toegekend, als het definitieve inkomen voorafgaand aan de toekenning bekend zou zijn geweest. De daadwerkelijk verstrekte lening wordt omgezet in een verstrekking om niet, ter hoogte van het bedrag aan bijzondere bijstand, dat met het definitieve inkomen zou zijn verstrekt. Voor het overige wordt de lening teruggevorderd. 7.. De bijzondere bijstand die verstrekt is in de vorm van een lening, wordt in het geheel teruggevorderd, als de zelfstandige de jaarcijfers niet tijdig verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel