**1..** Bijbehorende bouwwerken aan de voorzijde
Het bouwen van bijbehorende bouwwerken aan de woning aan de voorzijde van de (bedrijfs-) woningen is toegestaan in afwijking van de regels met betrekking tot de breedtemaat in het bestemmingsplan, indien uit een advies van MOOI Noord-Holland adviseurs omgevingskwaliteit blijkt dat de afwijkende maatvoering de ruimtelijke kwaliteit ten goede komt. Van de overige maatvoering voor bijbehorende bouwwerken aan de voorzijde uit het bestemmingsplan wordt niet afgeweken.
Aan bijbehorende bouwwerken aan de voorzijde van andere gebouwen dan (bedrijfs-) woningen wordt geen medewerking verleend. Dit geldt zowel voor vrijstaande als aangebouwde bijbehorende bouwwerken.
Ondanks dat de regels uit het bestemmingsplan op vrijwel alle woningtypen toepasbaar zijn, betekent niet dat dit ook het beste is voor de ruimtelijke kwaliteit. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat in straten of wijken waar in het verleden al bredere uitbouwen aan de voorzijde zijn vergund (zoals erkers), het de ruimtelijke kwaliteit ten goede komt om deze als precedenten te beschouwen en nieuwe aanvragen die in strijd zijn met het bestemmingsplan hierop aan te laten sluiten.
In dergelijke gevallen wordt voorgesteld om het advies van MOOI Noord-Holland adviseurs omgevingskwaliteit te prefereren boven de regels uit het bestemmingsplan. MOOI Noord-Holland is de onafhankelijke en niet-commerciële adviesorganisatie op het gebied van landschap, stedenbouw, architectuur en cultuurhistorie in Noord-Holland en adviseert de gemeente Uitgeest o.a. op het gebied van welstand. MOOI Noord-Holland adviseurs omgevingskwaliteit was voor 1 januari 2016 bekend onder de naam WZNH.
De mogelijkheid om af te wijken van de regels van het bestemmingsplan aan de voorzijde van woningen geldt zowel voor bedrijfswoningen als burgerwoningen. De afwijkingsmogelijkheid ziet slechts op de breedtemaat die in het bestemmingsplan is voorgeschreven. De overige regels met betrekking tot erkers/woninguitbreidingen aan de voorzijde (bijvoorbeeld een diepte van 1,25 meter of de maximale hoogte van 4 meter) dienen te worden gehandhaafd omdat een afwijking van het bestemmingsplan op deze punten zelden leidt tot een verhoging van de ruimtelijke kwaliteit.
Deze regel maakt het ook mogelijk dat een erker en de overkapping boven de entree samen één geheel kunnen vormen in plaats van dat er een ‘gat’ tussen open gehouden moet worden om binnen de breedtemaatvoeringen van het bestemmingsplan te passen.
Het beleid om aan de voorzijde van woningen af te wijken van het bestemmingsplan onder de categorie ‘bijbehorende bouwwerken’ is op 4 juni 2015 reeds vastgesteld door het college (B2015.0519). Onderhavige beleidsregel borduurt hier op voort.
**2..** Bijbehorende bouwwerken aan de achterzijde danwel de zijkant van een gebouw
Aan de achterzijde van (bedrijfs-)woningen en andere gebouwen wordt geen medewerking verleend aan bijbehorende bouwwerken die niet passen in het bestemmingsplan. Hetzelfde geldt voor bijbehorende bouwwerken aan de zijkant van een (bedrijfs-)woning of andere gebouwen.
Het bestemmingsplan en de vergunningsvrije bouwmogelijkheden bieden ruim voldoende bouwmogelijkheden voor bijbehorende bouwwerken aan de achterzijde van een gebouw. Het verdient sterk de voorkeur om de bouwregels van het bestemmingsplan te volgen en hier niet van af te wijken. De kans op dichtslibben van achtertuinen/achtererven/zijerven wordt te groot en dit geeft een rommelig beeld. De ruimtelijke kwaliteit wordt negatief beïnvloed door een verhouding van verstening en onbebouwd gebied die uit balans is. De hoofdregel blijft dat een hoofdgebouw het hoofdvolume vormt op een erf en dat de erfbebouwing (c.q. bijbehorende bouwwerken, aan- en uitbouwen) hieraan ondergeschikt is.
Het bieden van mantelzorg maakt de toepassing van de regels over bijbehorende bouwwerken aan de achterzijde of aan de zijkant van een erf niet anders. Voor de realisatie van een dergelijke voorziening dient aangesloten te worden bij de bouwregels in het bestemmingsplan. Een bestaand bijbehorend bouwwerk dat past binnen de bouwregels van het bestemmingsplan mag vervolgens worden benut ten behoeve van mantelzorg op grond van artikel 2 lid 22 van bijlage II Bor.
**3..** Bijbehorende bouwwerken bij gebouwen buiten de planologische bebouwde kom
Er wordt geen medewerking verleend aan een afwijking van het bestemmingsplan ten behoeve van bijbehorende bouwwerken buiten de planologische bebouwde kom.
De bouwregels in het buitengebied zijn ruimer dan in de kern vanwege de overwegend ruimere afmeting van de erven. Er mag daarom vanuit worden gegaan dat de bouwmogelijkheden in het bestemmingsplan in het algemeen voldoende tegemoet komen aan de behoeften van de gebruikers. Vaak is er sprake van een ‘erfenis’ van een voormalig agrarisch perceel waardoor er meer erfbebouwing aanwezig dan op een perceel uit de kern of er sprake is van grotere hoofdgebouwen. Het is echter niet de bedoeling om de erfbebouwing of de uitbreiding van hoofdgebouwen meer te doen laten toenemen naast de mogelijkheden die het bestemmingsplan al biedt. In het buitengebied is de openheid namelijk van grote landschappelijke waarde. Een toename van bijbehorende bouwwerken bovenop dat wat volgens het bestemmingsplan is toegestaan betekent een aantasting van die openheid en een afbreuk aan de landschappelijke waarde. Dit is ongewenst.
Hoofdstuk
Artikel 1
Bijbehorend bouwwerk (artikel 4 lid 1 van bijlage II Bor)
Onderdeel van Beleidsregels kruimelafwijking