Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Bouwwerk geen gebouwen zijnde (artikel 4 lid 3 van bijlage II Bor)

Onderdeel van Beleidsregels kruimelafwijking

1.. Voor de voorgevel Voor de voorgevel kan een omgevingsvergunning voor vlaggenmasten worden verleend tot een hoogte van 8 meter voor niet-woonfuncties zoals bedrijven en detailhandel. Het reclamebeleid is leidend voor het aantal vlaggenmasten. Voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde voor de voorgevel wordt geen medewerking verleend in afwijking van het bestemmingsplan. Voor hoekpercelen geldt uitsluitend lid 3 van dit artikel. Aan de voorzijde van een perceel dat niet de woonbestemming heeft kan een vlaggenmast worden vergund tot 8 meter in afwijking van de hoogtebepalingen van het bestemmingsplan. Een vlaggenmast is van geringe stedenbouwkundige impact bij bedrijfspercelen en andere percelen waar vlaggenmasten worden gebruikt als reclame-uiting. Het reclamebeleid is leidend voor het aantal vlaggenmasten. Voor het overige wordt geen medewerking verleend aan bouwwerken, geen gebouwen zijnde zoals erfafscheidingen hoger dan in het bestemmingsplan is bepaald, overkappingen (ook niet ten behoeve van het stallen van fietsen) en overige bouwwerken geen gebouwen zijnde. Aan de achterzijde van een erf zijn hier namelijk voldoende mogelijkheden voor. De voorzijde van een erf is bepalend voor de ruimtelijke uitstraling van een perceel en een straat, vandaar dat hier terughoudend mee wordt omgegaan. In sommige straten (zie plangebied van bestemmingsplan Wonen Zuid) is een overkapping voor de voorgevel van woonhuizen wel toegestaan op grond van het bestemmingsplan. Dit heeft in de regel als oorzaak dat de overkapping als stedenbouwkundig geheel is meegenomen in het ontwerp van de woning. Dit pleit er echter niet voor om dit elders ook toe te staan met behulp van artikel 4 van bijlage II Bor. 2.. Achter de achtergevel Voor woningen waarvan het perceel met de bestemming ‘Wonen’ aan de achterzijde grenst aan openbaar toegankelijk gebied kan in afwijking van het bestemmingsplan op een kortere afstand dan 1 meter vanaf openbaar toegankelijk gebied een erfafscheiding worden toegestaan tot 2 meter hoog. Voor hoekpercelen geldt uitsluitend lid 3 van dit artikel. Aan de achterzijde van woningen is het niet bezwaarlijk om af te wijken van de aan te houden afstand van minimaal 1 meter van het openbaar gebied. In verband met privacy is dit een begrijpelijke wens en verhoogt dit het woongenot in hoge mate. Het gaat hier specifiek om woonpercelen. 3.. Hoekpercelen Voor woningen waarvan het perceel is gelegen op een hoek en dus aan twee zijden is gericht op het openbaar toegankelijk gebied met de bestemming ‘Wonen’ of ‘Tuin’, kan aan de zijgevel in afwijking van het bestemmingsplan op een kortere afstand dan 1 meter vanaf het openbaar toegankelijk gebied een erfafscheiding worden toegestaan tot 2 meter hoog mits de erfafscheiding minimaal 1 meter voor de voorgevelrooilijn is gesitueerd en er een positief advies bekend is van de verkeersdeskundige van de gemeente op het gebied van verkeersveiligheid. Op hoekpercelen is in het verleden vaker medewerking verleend aan erfafscheidingen die hoger zijn dan 1 meter en die zich op een kortere afstand bevinden dan op 1 meter vanaf het openbaar toegankelijk gebied (namelijk op de erfgrens). Dit is vanuit het oogpunt van privacy begrijpelijk. Het kan echter op bezwaren stuiten als het perceel zich kort op de openbare ruimte bevindt waardoor een erfafscheiding van 2 meter hoog van invloed kan zijn op de overzichtelijkheid van een kruispunt ter plaatse. De overzichtelijkheid op kruispunten moet worden gewaarborgd door middel van een advies van de verkeerskundige. Pas na een positief advies van de verkeerskundige kan medewerking worden verleend aan de omgevingsvergunning. De erfafscheiding mag niet verder reiken dan tot 1 meter achter de voorgevelrooilijn. Dit sluit aan bij het principe dat aan de voorgevel in de regel geen hogere erfafscheidingen zijn toegestaan dan 1 meter hoog. Bij hoekpercelen wordt uitgegaan van één voorgevel en één zijgevel. De voorgevel is de belangrijkste gevel van een gebouw. Voor de bepaling of een gevel als voorgevel moet worden beoordeeld of juist als zijgevel wordt onder meer gekeken naar: Waar het huisnummer zicht bevindt; waar zich de voordeur of de hoofdingang bevindt, waar de brievenbus is aangebracht; de plaats waar zich de hoofdontsluiting van het perceel bevindt. Bovenstaande zaken kenmerken de voorgevel zoals dat in dit beleid is bedoeld. 4.. Speelvoorzieningen Voor speelvoorzieningen geldt dat terreinafscheidingen mogen worden gebouwd tot 2 meter hoog. Bij een speelvoorziening kan het wenselijk zijn om het terrein af te scheiden van de overige openbare ruimte. De locatie en aard en omvang van de voorziening kan uiteraard verschillen waardoor dit niet voor elke speelvoorziening nodig zal zijn.

Rechtspraak bij dit artikel