**1..** Belanghebbende ontvangt binnen acht weken na het afleggen van de taaltoets de kennisgeving met de uitslag van de taaltoets.
**2..** Als uit de uitkomst van de toets van de belanghebbende blijkt dat deze niet aan de taaleis voldoet wordt de volgende procedure gevolgd:
Belanghebbende krijgt een gesprek waarbij hij de uitslag van de taaltoets hoort. Deze kennisgeving gaat vergezeld met een aankondiging tot verlaging van de bijstand.
Belanghebbende wordt in de gelegenheid gesteld om binnen een maand na de kennisgeving te starten met het verwerven van de Nederlandse taal. Als belanghebbende geen inspanning pleegt bedraagt de verlaging In het gesprek dient belanghebbende te verklaren bereid te zijn binnen een maand aan te vangen met het verwerven van de vaardigheden in de Nederlandse taal op referentieniveau 1F. Wanneer belanghebbende niet bereid is dan wordt de bijstand beoordeeld volgens de regels in artikel 18b Participatiewet.
Na deze verklaring wordt belanghebbende in de gelegenheid gesteld om binnen een maand na de kennisgeving te starten met het verwerven van de Nederlandse taal. Als belanghebbende geen inspanning pleegt bedraagt de verlaging 20% van de bijstandsnorm vanaf het moment van de aankondiging.
Van deze verlaging kan worden afgezien als de belanghebbende zich bereid verklaart taalonderwijs te gaan volgen binnen een maand of als elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt.
Voordat besloten wordt tot verlaging van de bijstand moet beoordeeld worden of er sprake is van bijzondere omstandigheden.