Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5

Financiële ontwikkeling 2015 t/m 2020 2.5.1 voorziening 2015 t/m 2020

Onderdeel van Beheerplan civiele kunstwerken 2021 t/m 2025

Bij de vaststelling van het beheerplan kunstwerken voor de periode 2015 t/m 2020 werd met een eenmalige extra storting in 2015 en de jaarlijkse stortingen enerzijds en de onttrekkingen voor onderhoud een eindstand aan het einde van de planperiode in 2020 voorzien van € 546.105 (zie tabel hieronder) Vastgestelde geplande verloop van de voorziening kunstwerken 2015 t/m 2020 De werkelijke eindstand van de voorziening ligt met € 1.051.612 aanmerkelijk hoger. Het verschil tussen de geraamde eindstand en de werkelijke eindstand wordt veroorzaakt door diverse voor- en nadelen. De Vernieuwing Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) per 1 januari 2017 speelt daarin een belangrijke rol. Het gaat om: uitstel van groot onderhoud aan de burg bij Aar en Amstel in Nieuwkoop nagekomen werkzaamheden uit de vorige planperiode (Kwakelbrug) aanzienlijke aanbestedingsvoordelen (totaal € 388.309) groot onderhoud dat vanwege de wijziging van de BBV vanaf 2017 is aangemerkt als een investering (totaal € 631.138) aanpassing van de stortingen in de voorziening vanwege de BBV (ten gunste van de Reserve herwaardering investeringen maatschappelijk nut). vrijval ten gunste van de algemene reserve De aanbestedingsvoordelen zijn reden geweest om bij de huidige actualisatie kritisch te kijken naar de kosten voor groot onderhoud en vervangingen. In de tabel hieronder is het werkelijke verloop van de voorziening kunstwerken weergegeven. Werkelijke verloop voorziening kunstwerken 2015 t/m 2020

Rechtspraak bij dit artikel