De toestandsinspectie van alle kunstwerken betreft een visuele inspectie waarbij men inspecteert wat men kan zien. Dit gebeurt met het oog maar ook met beperkte hulpmiddelen zoals een boot, gereedschap, spiegels et cetera. De visuele waarnemingen geven niet altijd een direct beeld wat er precies moet gebeuren of zijn helemaal niet waarneembaar met beperkte hulpmiddelen. Zo kunnen bijvoorbeeld houten funderingspalen rottingsverschijnselen hebben, wat weliswaar wordt waargenomen maar nog niets zegt over hoe lang deze palen dan nog meegaan. Uit de inspectie is daarom ook een lijst opgesteld met kunstwerken die nader onderzocht moeten worden op hun constructieve eigenschappen.