Beschikbare geldmiddelen zijn geldmiddelen waarover de aanvrager beschikt of redelijkerwijs kan beschikken. Het betreft de beschikbare geldmiddelen van de aanvrager en de partner van de aanvrager. In tegenstelling tot wat de Participatiewet voorschrijft met reguliere bijstand blijft de (spaar)rekening van het minderjarig kind buiten beschouwing.
De vermogensgrenzen van de Participatiewet gelden ook voor de TONK. De beschikbare geldmiddelen mogen niet hoger zijn dan:
-voor een alleenstaande ouder en gehuwden 12.590,00 en voor een alleenstaande is 6.295,00.
Onder beschikbare geldmiddelen wordt verstaan:
contant geld;
geld op betaal- en spaarrekeningen;
cryptovaluta (zoals bitcoins);
de waarde van effecten (hierbij gaat het om beleggingsrekeningen met aandelen, obligaties, en opties en effecten in depot).
Aanwezige geldmiddelen die betrekking hebben op materiële en immateriële aardbevingsschadevergoedingen behoren niet tot de beschikbare geldmiddelen.