**1..** Belanghebbende komt in aanmerking voor de tegemoetkoming wanneer:
het (gezamenlijk) inkomen niet hoger is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm Participatiewet;
met gezamenlijk inkomen wordt bedoeld het inkomen van belanghebbende en eventuele partner waarmee een gezamenlijke huishouding wordt gevoerd zoals beschreven in artikel 3 van de Participatiewet;
bij wisselende inkomsten wordt uitgegaan van het gemiddelde inkomen gedurende een periode van drie maanden voorafgaand aan de datum van de aanvraag; en
het vermogen op de datum van de aanvraag niet hoger is dan de vermogensgrens zoals bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet; en
een of meer van onderstaande criteria op de datum van de aanvraag van toepassing is:
er officieel is vastgesteld dat diegene 80 – 100% arbeidsongeschikt is;
gebruik wordt gemaakt van een Wmo-voorziening;
er een WLZ indicatie is afgegeven;
belanghebbende beschikt over een gehandicaptenparkeerkaart;
er een verklaring is afgegeven van een huisarts of specialist waaruit blijkt dat er sprake is van een chronische ziekte of handicap;
belanghebbende op een andere wijze kan aantonen dat er sprake is van een chronische ziekte, dan wel een handicap.
**2..** Belanghebbende komt niet in aanmerking voor de tegemoetkoming wanneer de tegemoetkoming arbeidsongeschikten van het UWV reeds ontvangen wordt.
Artikel 4.
Voorwaarden aanvraag
Onderdeel van Beleidsregels tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten gemeente Doesburg