Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.2

Grondprijsbeleid

Onderdeel van Nota grondbeleid 2021-2024 “Grondbeleid in Transitie”

De prijs van bouwgrond is niet eenvoudig te bepalen omdat die afhankelijk is van diverse factoren waarvan de koper van de grond of het daarop te bouwen vastgoed weer zijn koopbeslissing laat afhangen. Het meest aansprekend zijn de factoren, die bepalend zijn voor de prijs van grond die wordt aangewend voor woningbouw, zoals: welke typen en in welke prijsdifferentiatie? welke kwaliteit materialisatie, kleurstelling en woonomgeving? hoe staat het met de vraag naar en het aanbod van woningen? (markt) hoe ontwikkelen de bouwkosten en bijkomende kosten zich? Er diverse methoden ontwikkeld die worden gebruikt voor het bepalen van de grondprijs: Kostprijs methode De meest oorspronkelijke methode ter berekening van de grondprijs telt alle kosten van het totale plangebied bij elkaar op die gemaakt moeten worden om de grond als bouwgrond te kunnen aanbieden. Het zal duidelijk zijn dat die kostprijs per locatie en bestemming varieert. Comparatieve methode Deze methode is gebaseerd op het vergelijken per object, regio of provincie van de prijs van grond met eenzelfde bestemming en dezelfde bebouwingsmogelijkheden en kwaliteit van de locatie. Residuele waarde methode Bij de residuele grondwaardemethode wordt de marktwaarde van de bouwgrond afgeleid van de toekomstige marktwaarde van het totaal product (bouwgrond + gebouw). Door van de marktwaarde van het totaalproduct de bouw- en bijkomende kosten af te trekken, resteert er een grondwaarde. Grondquote methode Met deze methode wordt de grondprijs vastgesteld op basis van een percentage van de v.o.n. (vrij-op-naam) prijs, waarbij aan de vaststelling van de quote veelal een berekening van de residuele waarde ten grondslag ligt. Bij deze methode wordt de grondprijs dus direct gekoppeld aan de marktwaardering van de woning.

Rechtspraak bij dit artikel