In artikel 107 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU) zijn Europese staatssteunregels vastgelegd.
Er kan ook een beperkt bedrag aan steun worden verleend onder de De-minimis-vrijstellingsverordening. De steun mag dan niet meer bedragen dan € 200.000,- per onderneming over een periode van drie jaar. Een decentrale overheid mag dit bedrag aan één zelfstandige onderneming verlenen, in welke vorm van steun ook.
Grondtransacties van de overheid aan ondernemingen verdient in dit kader extra aandacht. Voorbeelden van grondtransacties zijn verkoop, aankoop, uitgifte in erfpacht of verhuur van gronden en gebouwen. Volgens de Mededeling van de Europese Commissie (Notion of State aid 19 mei 2016) moet er sprake zijn van een marktconforme grondtransactie.
Er is sprake van een marktconforme prijs wanneer er gebruik wordt gemaakt van:
Verkoop via een open en onvoorwaardelijke biedprocedure die voldoende openbaar is gemaakt, waarbij er verkocht wordt aan de hoogste bieder (paragraaf 89 mededeling);
Of verkoop volgens de marktwaarde zoals vastgesteld door een onafhankelijke deskundige (taxateur). De taxatie dient te worden uitgebracht vóór de verkooponderhandelingen;
Transacties op voet van gelijkheid; Pari passu transacties;
Benchmarking;
Andere beoordelingsmethodes zoals die door het Hof zijn geaccepteerd in de arresten Scott v. Commissie en Seydaland.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.1.2
Staatssteun
Onderdeel van Nota grondbeleid 2021-2024 “Grondbeleid in Transitie”