Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Beleidsregels

Onderdeel van Beleidsregels bedrijfsmatige exploitatie en uitponden 2021

Toepassing Bij zowel uitbreidingsplannen als substitutie- en kwaliteitsverbeteringsplannen in de verblijfsrecreatieve sector geldt als voorwaarde een bedrijfsmatige exploitatie en het verbod tot uitponden. In de nota verblijfsrecreatief beleid is per sector beschreven in welke situaties de verplichting tot bedrijfsmatige exploitatie en het verbod tot uitponden geldt. Bedrijfsmatige exploitatie via het bestemmingsplan In het bestemmingsplan moet een heldere omschrijving worden opgenomen van de begrippen, gebruiksvoorschriften en bestemming ten aanzien van de verplichte bedrijfsmatige exploitatie van complexen van recreatiewoningen. De gemeente Ameland gebruikt hiervoor de volgende modeldefinities. Bedrijfsmatige exploitatie: Onder bedrijfsmatige exploitatie wordt in dit kader verstaan het via een bedrijf, stichting of andere rechtspersoon voeren van een zodanig beheer/exploitatie van een recreatieverblijf of recreatieverblijven, dat daar permanente wisselende recreatieve (nachts)verblijfsmogelijkheden worden geboden. Permanente bewoning: bewoning als hoofdverblijf binnen de vaste woonplaats. De volgende gebruiksregels, of gebruiksregels van deze strekking, worden in het bestemmingsplan opgenomen in de van toepassing zijnde bestemmingsartikelen. Specifieke gebruiksregels: Tot een gebruik, strijdig met de gegeven bestemming wordt in ieder geval gerekend: - het gebruik van de gronden en bouwwerken voor permanente bewoning; - het gebruik van gronden en bouwwerken anders dan in de vorm van bedrijfsmatige exploitatie. Een verwijzing naar een privaatrechtelijke uitwerking van de wisselende verhuur/de wijze van exploiteren is ruimtelijk niet relevant en wordt niet opgenomen in het bestemmingsplan. De privaatrechtelijke uitwerking wordt hierna toegelicht. Bedrijfsmatige exploitatie en verbod tot uitponden via een anterieure privaatrechtelijke overeenkomst Een anterieure overeenkomst heeft een privaatrechtelijke status en wordt gesloten tussen gemeente en initiatiefnemers, voordat een ontwerpbestemmingsplan (of bestemmingsplanafwijkingsbesluit) in procedure wordt gebracht. Het verbod op uitponden kan als volgt in deze overeenkomst worden opgenomen: De overeenkomst met een verbod tot uitponden moet als kwalitatieve verbintenis in combinatie met een kettingbeding worden geformuleerd conform artikel 6:252 BW. Deze overeenkomst bevat een (geïndexeerde) boeteclausule ten gunste van de gemeente. Vervolgens wordt hiervan een notariële akte opgemaakt welke wordt ingeschreven in de daarvoor bestemde openbare registers. Het verbod op permanente bewoning en de eis van bedrijfsmatige exploitatie kunnen als volgt in deze overeenkomst worden opgenomen: Optie 1: Initiatiefnemer/ontwikkelaar blijft eigenaar/exploitant In deze situatie worden in de af te sluiten overeenkomst tussen gemeente en initiatiefnemer/ ontwikkelaar rechtstreeks afspraken gemaakt over de bedrijfsmatige exploitatie. De overeenkomst beval minimaal de volgende criteria: tegengaan permanente bewoning; verhuurverplichting op de toeristische markt; tegengaan niet recreatieve activiteiten (zoals vestiging bedrijven); verhuurvoorwaarden, waarbij de verplichting moet worden opgenomen dat tenminste 245 dagen per jaar de recreatieverblijven in de verhuur worden aangeboden en ten hoogste 120 dagen per jaar voor eigen gebruik mag worden gebruikt. Tevens dienen de recreatieverblijven gedurende de zomermaanden (juni tot en met september) tenminste drie maanden beschikbaar te zijn voor verhuur. Het eigen gebruik mag maximaal een maand zijn gedurende deze periode. De overeenkomst moet een (geïndexeerde) boeteclausule ten gunste van de gemeente bevatten en een kettingbeding waarmee de gemaakte afspraken uit de overeenkomst automatisch overgaan op rechtsopvolgers. Optie 2: Initiatiefnemer/ontwikkelaar verkoopt recreatieverblijven na realisatie (van toepassing indien er geen sprake is van uitponden, uitponden niet kan worden tegengegaan of met uitponden wordt ingestemd) De recreatieverblijven worden verkocht aan individuele of een groep beleggers, verenigd in een vereniging van eigenaren of een maatschap van particuliere beleggers. De ontwikkelaar sluit een overeenkomst met de koper(s) van de recreatieverblijven. De bedrijfsmatige exploitatie wordt in dit geval geregeld door criteria in deze koopovereenkomst of de bijbehorende algemene voorwaarden in combinatie met een kettingbeding en (geïndexeerde) boeteclausule ten gunste van de gemeente. Deze overeenkomst tussen de ontwikkelaar en de koper(s) wordt vooraf naar de gemeente gestuurd, getoetst en indien nodig aangepast. De gemeente zal deze overeenkomst toetsen op dezelfde criteria als hiervoor onder optie 1 zijn beschreven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel