De aanbieder komt uitsluitend in aanmerking voor subsidiëring van Voorschoolse educatie (als omschreven in artikel 3 lid 2) wanneer deze in de peutergroep tevens Peuterarrangementen (als omschreven in artikel 3 lid 1) aanbiedt.
De aanbieder neemt deel aan de werkgroep VVE en conformeert zich aan de afspraken die in de werkgroep worden gemaakt.
De aanbieder van voorschoolse educatie voldoet, boven op de eisen Wet Kinderopvang, aan de door de gemeente Aalsmeer vastgestelde ‘Uitvoeringskader voorschoolse voorziening’.
De aanbieder van Peuterarrangementen voldoet, bovenop de eisen Wet Kinderopvang, aan de kwaliteitscriteria beschreven in de domeinen ouderbetrokkenheid en tutoring van het ‘Uitvoeringskader voorschoolse voorziening’.
Bij de uitvoering van het Peuterarrangement en het VE-geïndiceerde aanbod binnen eenzelfde peutergroep wordt inhoudelijk hetzelfde peuterprogramma ingezet, zodat gemengd aanbod (VE- en niet-VE peuters in één peutergroep) mogelijk is.
De aanbieder is verplicht om bij aanmelding van een voor VE geïndiceerde peuter aan dit kind voorschoolse educatie te bieden wanneer er gesubsidieerde kindplaatsen VE beschikbaar zijn. Bij tekort aan VE-kindplaatsen neemt de aanbieder contact op met de uitvoeringscoördinator VVE van de gemeente.
De aanbieder geeft in voorkomende gevallen voorrang aan het plaatsen van een peuter met VE-indicatie boven het plaatsen van een niet-VE-peuter.
Aanbieders nemen -waar nodig in onderling overleg en/of met facilitering vanuit de gemeente- aantoonbaar maatregelen om dubbele subsidiering per peuter uit te sluiten.
De aanbieder verplicht zich tot het aanleveren van kwartaalrapportages aan de gemeente volgens de door de gemeente voorgeschreven format.
De aanbieder meldt tussentijds ontstane wachtlijsten voor VE- en PA-peuters aan de VE-coördinator van de gemeente en verwijst deze ouders actief door naar collega-aanbieders
In overleg met en na akkoord van de gemeente kan worden afgeweken van de plaatsingsleeftijd van 2,5 – 4 jaar voor een maximum van 6 maanden.
De aanbieder doet aantoonbaar moeite om de (financiële) laagdrempeligheid van het peuter-aanbod te waarborgen. De gemeentelijke subsidieopslag voor VE boven op het KOT tarief wordt door de organisatie meegenomen bij het bepalen van het uurtarief voorschoolse educatie.
De aanbieder draagt zorg voor duidelijke informatie op de website betreffende het VE- en/of PA-aanbod; inhoud van aanbod, uren, ouderbijdrage en locaties.
Artikel 4