De aanvragen die tijdig en volledig zijn ontvangen worden op basis van de volgende drie criteria beoordeeld:
1. Inhoudelijke kwaliteit
Hierbij wordt gekeken naar:
**•.** Deskundigheid: aantoonbare kennis over het onderwerp.
**•.** Zeggingskracht: het vermogen om met overtuiging de inhoud en betekenis daarvan over te dragen.
**•.** Meerstemmigheid: de mate waarin de activiteiten ruimte bieden aan meerdere perspectieven op het erfgoed en het gesprek daarover stimuleert.
**•.** Meerjarenaanvragen worden ook beoordeeld op de ontwikkeling van deskundigheidsbevordering, zeggingskracht en meerstemmigheid.
2. Betekenis voor de stad
Hierbij wordt gekeken naar:
**•.** De mate van samenwerking met bewoners en organisaties
**•.** De mate waarin de activiteit toegankelijk is voor een breed en divers publiek en/of een nieuw publiek bereikt
**•.** De motivatie van de keuze voor de wijk ten behoeve van gewenste spreiding van activiteiten
**•.** De mate van aansluiting bij focusthema of -gebied (indien opgenomen in de subsidiestaat)
3. Ondernemerschap
Hierbij gaat het om het vermogen om de voorgestelde plannen professioneel uit te voeren. Hierbij wordt gelet op de mate waarin de aanvraag realistisch en haalbaar is, er sprake is van een evenwichtige financieringsmix en het gevraagde bedrag in verhouding staat tot het gewenste resultaat. Er is sprake van een visie op het creëren van een zo groot en divers mogelijk publieksbereik via een effectieve marketing- en communicatiestrategie. Daarnaast is sprake van draagvlak voor de activiteit, hetgeen kan blijken uit relevante samenwerkingspartners, de te verwachten belangstelling van publiek en de financiële bijdragen van derden. Feitelijk wordt gekeken naar de inspanningen van de aanvrager om de activiteit met zo weinig mogelijke gemeentesubsidie te realiseren zonder in te leveren op de inhoudelijke kwaliteit.
Artikel 9
Beoordeling subsidieaanvraag
Onderdeel van Nadere regel subsidie publieksbereik erfgoed gemeente Utrecht