Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Aanvraag en vaststelling subsidie

Onderdeel van Subsidieregeling voorschoolse educatie en peuteropvang gemeente Bunnik 2022

Indien- en behandeltermijnen: De subsidieaanvraag wordt uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd ingediend. Het college kan in bijzondere gevallen een andere datum vaststellen. Bij een niet tijdige indiening van de aanvraag kan het college besluiten de aanvraag niet te behandelen. De aanvraag voor de subsidievaststelling wordt uiterlijk 1 mei in het jaar volgend op het subsidiejaar ingediend. De beslistermijn voor zowel de aanvraag voor de verlening als de aanvraag voor de vaststelling van de subsidie is tien weken, met een eenmalige verdagingsmogelijkheid van maximaal vier weken. In afwijking van Artikel 21, lid 1 b van de ASV worden de toekenning en de vaststelling van de subsidie berekend op basis van het werkelijke aantal gecontracteerde (ve-) peuterplaatsen (daaronder wordt verstaan het aantal contracturen per werkelijk gecontracteerde (ve)peuterplaats, het werkelijk gehanteerde uurtarief, de totaal in rekening gebrachte ouderbijdragen) op basis van een registratieformulier. In afwijking van Artikel 21 wordt de verantwoording altijd vergezeld van een accountantsverklaring. Bij de aanvraag tot vaststelling van de subsidie levert de houder - naast het aantal gecontracteerde (ve-) peuterplaatsen – een inhoudelijk jaarverslag, waarin beschreven is op welke wijze invulling is gegeven aan de ondersteuning aan (doelgroep)peuters, hoe gewerkt is aan de kwaliteit van ve en de algehele uitvoering van ve. In het inhoudelijk jaarverslag is tevens beschreven op welke wijze de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker in de ve heeft bijgedragen aan de kwaliteitsverbetering van ve.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel