Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 6.2

Te water raken en zinken

Onderdeel van Havenreglement Zwartewaterland

1.. De schipper van een vaartuig, dat in de haven is gezonken, alsmede de eigenaar, houder, gebruiker of beheerder van een in de haven te water geraakt vervoermiddel of ander voorwerp, dat de veiligheid of het verkeer in de haven in gevaar kan brengen is verplicht, het zinken ofte water raken onmiddellijk aan de havenmeester te melden en dat vaartuig, vervoermiddel of voorwerp, indien het is gezonken dag en nacht te bewaken of te doen bewaken en daarbij de door de havenmeester voorgeschreven bakens en veiligheidstekens te plaatsen of doen plaatsen, alsmede te zorgen dat aan het bevel van de havenmeester, het gezonken vaartuig, vervoermiddel of voorwerp binnen een door hem te stellen redelijke termijn te verwijderen, gevolg wordt gegeven. 2.. De schipper van een in de haven aanwezig vaartuig, dat in gevaar van zinken verkeert, is verplicht dit zo spoedig mogelijk, op aanwijzing van de havenmeester, naar een plaats te brengen waar het voor het verkeer in de haven geen bezwaar kan opleveren en het daar gemeerd te houden. 3.. Bij gebreke van de melding bedoeld in het eerste lid of ingeval van een bevel, het vaartuig te lichten of te verwijderen, niet binnen de gestelde termijn is voldaan, is de gemeente gerechtigd het gezonken vaartuig in het belang van de haven op kosten van de eigenaar terstond te doen lichten en de overige maatregelen te nemen. 4.. In andere gevallen dan die waarop de Wrakkenwet van toepassing is, is de havenmeester bevoegd, onbeheerde of gezonken vaartuigen, die in de haven worden aangetroffen, alsmede net gemeerde vaartuigen te meren, verhalen en in bewaring te nemen voor rekening en risico van de eigenaar.

Rechtspraak bij dit artikel