Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften Krimpenerwaard 2021

1.. De voorzitter van de kamer bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de kamer te laten horen. 2.. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Algemene wet bestuursrecht. 3.. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan. 4.. Indien er sprake is van een zaak die kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond of kennelijk gegrond is, dan brengt de voorzitter hierover zelfstandig advies uit aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel