Steeds vaker komt het in Nederland voor dat nabestaanden van een overleden verkeersslachtoffer langs de openbare weg een bermmonument of gedenkteken ter nagedachtenis aan het slachtoffer plaatsen. Op deze wijze geven nabestaanden uiting geven aan hun gevoelens na het verlies van een dierbare als gevolg van een verkeersongeval. Vaak gebeurt dit spontaan zonder dat er toestemming is van wegbeheerders. Hierdoor kunnen verkeersonveilige situaties ontstaan en/of hinder bij het onderhoud van de weg en bermen.
De minister van Verkeer en Waterstaat heeft daarom in 2004 beleidsregels voor rijkswegen vastgelegd en de hoop uitgesproken dat andere wegbeheerders haar zullen volgen. Deze regels zijn:
zoveel mogelijk toestemming verlenen,
een gedenkteken mag alleen daar geplaatst en bezocht worden waar het de verkeersveiligheid niet in gevaar brengt,
per gedenkteken bepalen hoe lang het mag blijven staan,
gedenktekens mogen geen belemmering opleveren voor werkzaamheden aan de weg,
de kosten voor het maken, het plaatsen en het onderhoud van het gedenkteken zijn voor rekening van de nabestaanden.
Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland heeft op 11 mei 2021 de “Nadere regels werkzaamheden en gebruik van wegen in beheer bij de provincie Gelderland” vastgesteld. Daarin zijn voor het eerst ook specifieke bepalingen opgenomen over gedenktekens langs provinciale wegen.
De gemeente Lingewaard is verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte en de gemeentelijke wegen. Daarom is het goed dat Lingewaard het plaatsen van gedenktekens reguleert. Daarmee ontstaat duidelijkheid bij nabestaanden van verkeersslachtoffers en kan de verkeersveiligheid en het onderhoud van wegen gegarandeerd blijven.
In zijn algemeenheid is de gemeente zeer terughoudend met het toestaan van voorwerpen e.d. in de berm van de weg. Maar gelet op de betekenis van bermmonumenten bij de rouwverwerking van nabestaanden is de gemeente bereid om een uitzondering te maken met in acht name van een aantal voorwaarden.