**1..** De houder die een peuterplaats VE aanbiedt, vraagt uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, bij het college subsidie aan voor de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker voorschool, met een door het college vastgesteld aanvraagformulier. De houder vraagt de subsidie voor 2022 uiterlijk aan op 1 november 2021.
**2..** De houder die een peuterplaats VE aanbiedt, toont bij de aanvraag het volgende aan:
het verwachte aantal doelgroeppeuters waar de pedagogisch beleidsmedewerker voorschool voor wordt ingezet;
een plan van aanpak met daarin het verwachte aantal reguliere uren inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker voorschool en de verwachte aanvullende uren die worden ingezet. Deze uren bestaan uit contacten met intern begeleiders basisscholen, contacten met zorgadviesteams en/of schoolondersteuningsteams en andere externe hulpverleners, onderlinge intervisie en interne afstemming met de locatieleider;
een onderbouwde berekening van het uurtarief van de pedagogisch beleidsmedewerker voorschool.
**3..** Houders die een peuterplaats VE aanbieden die gedurende het kalenderjaar voor een eerste maal een subsidieaanvraag willen indienen voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker voorschool (aangezien ze nog niet eerder een pedagogisch beleidsmedewerker voorschool hadden) kunnen lopende het kalenderjaar een subsidieaanvraag indienen die niet eerder ingaat dan datum aanvraag.
Hoofdstuk 3
Artikel 13
De subsidieaanvraag
Onderdeel van Subsidieregeling peuter- en dreumesplaatsen Twenterand