1. Het is verboden grondwater af te voeren naar de gemeentelijke riolering of een gemeentelijke hemelwatervoorziening op openbaar gebied.
2. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, als infiltratie van het grondwater op het eigen perceel niet mogelijk is en van de
perceeleigenaar redelijkerwijs geen andere wijze van lozen van het grondwater kan worden
gevergd.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.4.7