1. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening;
b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan;
c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 ;
d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming , de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit of onder de Omgevingswet na inwerkingtreding.
3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2.2
Dumpingsverbod
Onderdeel van Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL) Bernheze 2021