Een vergunning voor een seizoenstandplaats geldt voor maximaal 7 dagen per week per ondernemer per locatie en heeft een minimale geldigheid van 3 maanden en een maximale geldigheid van 6 maanden per jaar. Voor standplaatsen voor de verkoop van kerstbomen geldt de minimale termijn van 3 maanden niet. Dit vanwege het feit dat de verkoop van kerstbomen over het algemeen voor een kortere termijn plaatsvindt.
De reden van het opnemen van een minimale termijn is net als bij de jaarstandplaats het feit dat de vraag groter is dan het aanbod en de gemeente wil voorkomen dat een seizoenstandplaats gedeeltelijk onbenut blijft. Een vergunning voor een seizoenstandplaats geldt alleen voor producten die gebonden zijn aan een bepaalde periode, zoals de verkoop van ijs, haring, oliebollen of kerstbomen. Voor het innemen van een seizoenstandplaats gelden ook vaste locaties. Deze zijn in bijlage 2 opgenomen. Voor de verkoop van kerstbomen zijn aparte locaties aangewezen. Deze worden in bijlage 2 en op de plattegronden met een ‘K’ aangegeven. Bloemen- en planthandelaren die het gehele jaar door een winkel of standplaats drijven kunnen jaarlijks een vergunning aanvragen voor extra uitstalruimte ten behoeve van kerstboomverkoop en vallen daarom niet onder het standplaatsenbeleid. De vergunning kan iedere dag van het jaar ingaan.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1
Artikel 4.1.2
Seizoenstandplaats
Onderdeel van Nota Standplaatsenbeleid (Derde herziening Nota Standplaatsenbeleid 2011) gemeente Vlaardingen