Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Aansluitverordening riolering Midden-Delfland 2021

In deze verordening wordt verstaan onder: (perceel)aansluitleiding: buisleidingenstelsel onder druk of vrijverval, eventueel met pompen, buffers, appendages en andere bijzondere voorzieningen voor de afvoer van water, gelegen tussen de locatie waar afvalwater vrijkomt en het aansluitpunt. Bij gescheiden systemen bestaat de “(perceel)aansluitleiding” uit een buis voor vuilwater en een buis voor hemelwater. aansluitpunt: locatie waarop de perceelaansluitleiding wordt aangesloten op het gemeentelijk riool. Dit punt geeft tevens het juridisch overdrachtpunt ter zake van het (aansprakelijkheids)risico en beheer aan. Bij gescheiden systemen bestaat het ‘aansluitpunt’ uit een aansluiting van de hemelwaterafvoer en een aansluiting van de vuilwater afvoer (gezamenlijk: ‘aansluitpunt’). Voor de gemeentelijke riolering geldt: bij gemengde en gescheiden rioolstelsels: het punt, gelegen op of binnen 0,5 meter afstand van de kadastrale eigendomsgrens van het aan te sluiten perceel, waar de perceelaansluitleiding op de uitlegger van gemeentelijke riolering wordt aangesloten (zie voor grafische weergave bijlage 1a). bij een drukriool: het punt waar de perceelaansluitleiding wordt aangesloten op de pompput (zie voor grafische weergave bijlage 1b). bij overige voorzieningen voor het doelmatig verzamelen en verwerken van afvalwater in eigendom van de gemeente, zoals systemen voor de individuele behandeling van afvalwater (IBA): het punt waar de perceelaansluitleiding wordt aangesloten op deze voorziening (zie voor grafische weergave bijlage 1c). afvalwater: het water afkomstig van een perceel, uitgezonderd overtollig hemelwater en grondwater (waaronder drainagewater en bronneringswater). bedrijfsafvalwater: afvalwater dat vrijkomt bij een bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, waaronder glastuinbouwwater, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is. brijnwater: water, afkomstig van bijvoorbeeld WKO installaties of het residu van omgekeerde osmose. bronneringswater: water aan de grond onttrokken voor tijdelijke verlaging van de grondwaterstand. drainagewater: grondwater, ingezameld door een ingegraven doorlatend buizenstelsel. drukriool, druksysteem, pompsysteem: riolering bestaande uit persleidingen met een kleine diameter waardoor het afvalwater met pompen onder druk wordt afgevoerd. gebruiker: degene die krachtens zakelijk of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel. gemeentelijke riolering/gemeentelijk riool/gemeentelijk verzamelriool/gemeentelijk stelsel: een buizenstelsel, bij de gemeente in eigendom en beheer voor inzameling en transport van afvalwater, hemelwater, grondwater (waaronder drainagewater en bronneringswater), met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen, IBA’s persleidingen en werken en installaties van overeenkomstige aard, met uitzondering van de perceelaansluitleidingen gelegen op particulier terrein. gemengd stelsel: gemeentelijke riolering voor de gezamenlijke afvoer van afvalwater en hemelwater. gescheiden stelsel: gemeentelijke riolering waarbij het hemelwater, al dan niet door het gemeentelijk riool, gescheiden van het buizenstelsel voor de afvoer van afvalwater wordt afgevoerd. glastuinbouwwater: bedrijfsafvalafvalwater afkomstig van een inrichting die uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd voor het in een kas telen van gewassen. hemelwater: van neerslag afkomstig water. IBA: Individuele Zuiveringsinstallatie, installatie voor de kleinschalige zuivering van uitsluitend huishoudelijk afvalwater, in eigendom bij de gemeente, het zuiveringstechnische deel is in beheer bij het Hoogheemraadschap van Delfland en het bouwkundige deel is in beheer bij de gemeente. onderbemalingsput: een voorziening in een drainagestelsel, welke is voorzien van een pomp met niveauschakeling, waarmee de grondwaterstand kan worden aangepast. openbaar zuiveringstechnisch werk: een werk voor het zuiveren van stedelijk afvalwater, in exploitatie bij een waterschap of gemeente, dan wel een rechtspersoon die door het bestuur van een waterschap met de zuivering van stedelijk afvalwater is belast, met inbegrip van het bij dat werk behorende werk voor het transport van stedelijk afvalwater. privaat zuiveringstechnisch werk: een bij een private partij in eigendom en beheer zijnde installatie voor zuivering van afvalwater. rechthebbende: de eigenaar of zakelijk gerechtigde van een perceel, dan wel diens rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel. richtlijnen: de bij deze verordening behorende vastgestelde NEN en NPR-normen zoals omschreven in het bouwbesluit. stapelbouw: een gebouw met meerdere separate woningen in meerderde woonlagen gestapeld. telemetrie: systeem waarmee de besturing, signalering en registratie van rioolgemalen en pompinstallaties e.d. op afstand automatisch kan worden geregeld en beheerd. uitlegger: aansluitleiding vanaf de openbare hoofdriolering tot aan het aansluitpunt. vuilwater: sanitair afvalwater met daarbij eventueel verontreinigd bedrijfs-, hemel- en/of grondwater WKO: warmte- en koudeopslag en andere bodemenergiesystemen.

Rechtspraak bij dit artikel