Het college kan ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste en tweede lid, van de wet vervatte verboden ten behoeve van bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard, waaronder in ieder geval wordt verstaan:
veilingen;
productpresentaties;
feestelijkheden met een cultureel of sociaal doel;
het uitstallen van goederen;
jubilea;
shows;
recepties en vergelijkbare evenementen;
(sport-)evenementen;
beurzen;
tentoonstellingen;
exposities;
braderieën;
muziekfestivals of andere daarmee vergelijkbare manifestaties die op één locatie plaatsvinden.
De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie, de openbare orde of de veiligheid in de omgeving van de verkooplocatie door het verlenen van de ontheffing op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed.
Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.