aanlegplaats: de als zodanig ingerichte steiger binnen de bij besluit behorende gearceerde situatietekening in de rivier de Donge;
beroepsvaartuigen: alle soorten en klasse schepen welke bedrijfsmatig in gebruik zijn in de beroeps- of bedrijfsvaart;
havenmeester: de door het college aangestelde persoon (personen) belast met het toezicht op de haven en het innemen van ligplaats daarin;
gezagvoerder: de schipper als bedoeld in artikel 1.02 van het Binnenvaartpolitiereglement, dan wel degene die op een beroepsvaartuig feitelijk de leiding in handen heeft.
landvasten: trossen welke worden gebruikt om het vaartuig aan de kade c.q. steiger vast te leggen.
Hoofdstuk 1.
Artikel 2
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Regeling gebruik aanlegplaatsen binnenvaartschepen Geertruidenberg 2010