Bij het toepassen van de excessenregeling wordt het criterium gehanteerd dat er sprake moet zijn van een buitensporigheid in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen evident is en die afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit van een gebied. Van excessen kan sprake zijn bij te opdringerige reclame-uitingen, buitensporige verlichting/lichthinder, toepassing van felle of contrasterende kleuren en/of armoedig materiaalgebruik, die een inbreuk doet op wat in de omgeving gebruikelijk is. Ter voorkoming van excessen in (kwetsbare) gebieden behoudt het college de mogelijkheid om achteraf bij excessen in te grijpen.
Hoofdstuk 4
Artikel 34
Excessenregeling
Onderdeel van Beleidsregel permanente en tijdelijke reclame Bladel 2021