Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7

Bedrijventerreinen

Onderdeel van Beleidsregel permanente en tijdelijke reclame Bladel 2021

1.. Bij het voeren van reclame op bedrijventerreinen gelden de volgende algemene uitgangspunten: alleen bedrijfsgebonden merkreclame, logo en/of naamsaanduiding mogen worden geplaatst; reclame achter of op glas wordt als reclame gezien; verwijsreclame per bedrijf is niet toegestaan; de vorm, plaats en kleur moet afgestemd worden op de desbetreffende gevelopzet; verlichting ten behoeve van reclamedoeleinden mag geen hinderlijke instraling hebben op woningen; reclame-uitingen moeten naar het bedrijventerrein zijn gericht. Uitzondering hierop zijn bedrijven die ook een gevel hebben aan een doorgaande weg, bijvoorbeeld een gevel op een hoeklocatie of op een achtergevel; bij meerdere bedrijven op 1 perceel of in 1 gebouw gelden de uitgangspunten voor de gevestigde bedrijven gezamenlijk. 2.. Aanvullend op het eerste lid gelden door het voeren van gevelreclame de volgende uitgangspunten: bij plaatsing tegen de gevel wordt de reclame bij voorkeur geplaatst aan de gevel met de hoofdtoegang, waarbij: maximaal 20% van het betreffende geveloppervlakte wordt bedekt met borden en/of letters; maximaal 1 vlag per 5 m¹ wordt geplaatst met een maximum van 10 vlaggen. Elke vlag mag maximaal 1,5 m² zijn. bij gebruik van een andere gevel dan de gevel met de hoofdtoegang is maximaal een kwart van deze uitgangspunten toegestaan; bij plaatsing op de dakrand is maximaal 5% van het geveloppervlakte van de gevel met de hoofdtoegang bedekt, met een maximum van 10 m²; aanlichten of lichtreclame op de dakrand is toegestaan; bij plaatsing op de dakrand bestaat de reclame bij voorkeur uit losse letters. 3.. Aanvullend op het eerste lid gelden voor het voeren van vrijstaande reclame op het erf de volgende uitgangspunten: reclameobjecten worden verkeersveilig geplaatst; er wordt maximaal 3 m² aan borden/zuilen per bedrijf geplaatst, eventueel dubbelzijdig. de hoogte van een reclameobject bedraagt maximaal 3 meter; er wordt maximaal 2 m² aan vlaggen geplaatst; de hoogte van vlaggenmasten bedraagt per stuk maximaal 6 meter per stuk; er worden maximaal 10 vlaggenmasten geplaatst. 4.. In afwijking van het eerste lid is een centraal geregelde uniforme presentatie van bedrijven, eventueel in combinatie met een plattegrond of routebeschrijving, mogelijk bij de toegangsweg(en) of ingang(en) tot het bedrijventerrein. De hoogte bedraagt maximaal 5 meter. 5.. In afwijking van het eerste lid is centraal geregelde uniforme verwijsreclame per bedrijf mogelijk op het bedrijventerrein. De hoogte bedraagt maximaal 3 meter. 6.. Op onbebouwde percelen is geen enkele vorm van reclame toegestaan.

Rechtspraak bij dit artikel